(16-2-2010)
Toetje?
Het ziet er nu echt naar uit dat de winter gaat aflopen, althans in de zin van de schaatswinter. Voor het zuidwesten van het land eerder dan het noordoosten. Vanmiddag dooide het al in het hele land met temperaturen van 0,3 op Vlieland tot 3,0 in Woensdrecht. Bovendien viel er opnieuw wat sneeuw. Dat de kou er duidelijk wat uit gaat blijkt ook uit de temperaturen van vanavond 21.30 uur. In Zuid Holland en Zeeland nog temperaturen iets boven 0 tot iets onder 0 elders. Veel vorst is er vannacht niet te verwachten en de kans is groot dat in het zuidwesten van het land de temperatuur in de nanacht maar net onder 0 komt. Elders vriest het meest licht.
De boosdoener is een depressie bij Ierland die nauwelijks van plaats verandert. Aan de voorzijde staat bij ons een zuidoostelijk tot zuidelijke stroming die geleidelijk minder koude lucht aanvoert. Aangezien de depressie geen echt zachte lucht meevoert, zal het nog steeds niet uitdraaien op temperaturen boven normaal. De straalstroom (krachtige wind op grote hoogte vanuit het westen) loopt nog steeds via een zuidelijk koers. Daardoor is er geen sprake van aanvoer van depressies met zachte lucht vanaf het zuiden van de Atlantische Oceaan. De genoemde depressie blijft een beetje bij West Europa heen en weer schuifelen. We moeten rekenen op voortzetting van het kwakkelige weer met kans op regen en later een paar winterse buien. Veel vorst zit er niet in de komende dagen en overdag zal het licht dooien.
Op de langere termijn zien we het hogedrukgebied bij Groenland zich wat uitbreiden in de richting van de Noordpool. Uiterst koude lucht in Noord Siberie komt daardoor in beweging naar het westen. Die kou is zeker voorlopig niet voor ons bestemd. Wel zal het in de loop van de komende week zeer koud worden in Scandinavie en Finland, waar de Russische Beer wel toegang krijgt. De kou zal dus over een week wel vrij dicht bij West Europa komen en op de loer liggen. De kans dat de kou uitbreekt naar ons lijkt me niet groot maar is wel aanwezig. De Amerikanen (weermodel van GFS) laten in sommige berekeningen die doorbraak wel komen rond 1 maart. Het is ver weg en bovendien, mocht het werkelijkheid worden, het is dan waarschijnlijk te laat voor een echte vorstperiode.
Voor de schaatsers lijkt de winter deze week te worden afgesloten. In het westen en midden kan morgenochtend nog geschaatst worden. In het noordoosten houdt het ijs nog een paar dagen langer stand. Geleidelijk gaat het aflopen. In een deel van het land, met name oost Groningen, Drente, een deel van Overijssel en de Veluwe en Limburg ligt nog een flink sneeuwdek. Het ziet er naar uit dat ook dit in de loop van deze week grotendeels zal verdwijnen. Of de winter nog terug keert? Sommigen hopen op een siberisch wonder. Ik denk dat we dat wel kunnen vergeten. Maar een toetje rond het begin van maart is nog steeds mogelijk. Of we daar op moeten hopen weet ik niet; voor het schaatsen zal het weinig meer kunnen betekenen.
(14-2-2010)
Koude kwakkelwinter
Een mooi schaatsweekend. Wel met een paar beperkingen, want er was niet in het hele land een voldoende dikke ijslaag te vinden. In de noordelijke provincies werden een aantal toertochten georganiseerd. Zelf heb ik de tocht in de Alde Feanen in Friesland gisteren geschaatst. Met ruim 4000 mensen werden we door dit mooie natuurgebied geleid; hulde aan de organisatoren, die overigens hun handen vol hadden aan het begaanbaar houden van een paar steeds natter wordende kluunplaatsen. Op de Gouwzee zijn gisteren veel scheuren en ook wakken ontstaan, waardoor het er vandaag te gevaarlijk is geworden. De weersomstandigheden waren gisteren goed: temperaturen rond het vriespunt en betrekkelijk weinig wind.
Vandaag is er opnieuw sneeuw gevallen, waardoor de omstandigheden iets verslechterd zijn. De sneeuw wordt veroorzaakt door een kleine storing die in onze omgeving, waar de wind steeds verder weg viel, ontstond. Deze kleine sneeuwstoring (de hoeveelste is dat nu al niet?) trekt over ons land naar het zuiden. Door aanlandige wind aan de voorzijde dooide het vanmiddag in Zeeland; inmiddels is in het hele land de wind weer uit oost tot noordoost gaan waaienen vriest het om 16 uur weer, -0,1 in Vlissingen tot -3 in het zuiden van Drente.
Betekent dat nu dat de vorst toeneemt? Op korte termijn wel enigszins. De komende nacht kan het gemakkelijk weer matig vriezen op een aantal plaatsen, zoals dat ook in de afgelopen nacht gebeurde. Als het even opklaart gaat de temperatuur boven de sneeuw snel weer naar -8 tot -10. Ook morgen blijft de temperatuur bij een oost tot zuidoostenwind vrijwel overal onder 0. Opnieuw een dag met goed schaatsweer. Waar het ijs nog niet door duizenden schaatsers is bereden of zelfs vernield (Gouwzee!) zal er te schaatsen zijn. De sneeuw is een complicerende factor, die een negatieve invloed heeft op de schaatsmogelijkheden.
Hoe heeft deze winter nu gepresteerd tot nu toe? In De Bilt is na gisteren de derde vorstperiode een feit. In zes dagen met een gemiddelde onder 0 liep het koudegetal op tot 16,6. In het noorden van het land, waar het beduidend kouder is geweest, is dit al de vierde vorstperiode. Het koudegetal staat in De Bilt nu op 86,7 en daarmee is winter van 2003, die twee vorstperioden had, ingehaald. In het klassement van alle winters sinds 1901 staat de huidige winter op de 33-ste plaats. De komende dagen zouden we een paar plaatsen kunnen opschuiven.
In het noorden was de winter tot nu toe kouder dan in De Bilt en in het zuidwesten minder koud. Eelde geeft nu een koudegetal van 131,1 tegen Rotterdam 61,7. In Rotterdam waren de drie vorstperioden zwak en dooide het iets meer. Voeg daarbij de vele sneeuw en het beeld van de kwakkelwinter met weinig ijs is compleet. De temperatuurverschillen tussen het zuidwesten en noordoosten resulteerden in het verschil tussen niet of nauwelijks schaatsen en op grote schaal schaatsen.
Of er voor de schaatsliefhebber nog meer in zit is nu niet 100% zeker.
De verwachtingen wijzen echter meer in de richting van verzachting dan in de
richting van aanhoudende vorst. Een depressie uit de buurt van IJsland komt
zich met het weer in west Europa bemoeien. Doordat deze depressie in de richting van zuid Engeland koerst zal de wind bij ons uit het zuiden of zuidoosten gaan waaien. Een afname van de vorst na dinsdag is daardoor te verwachten, maar hevige dooi zit er nog niet in. Op langere termijn lijkt de verzachting door te zetten, maar de verwachting is onzeker.
Bron temperatuurgegevens: KNMI
(12-2-2010)
Schaatsen
Het hoogtelaag uit Scandinavie heeft de winter bij ons een duwtje gegeven. Kregen we in het begin van de week te maken met een stabiele koude luchtlaag aan de grond, vanaf woensdag stroomde van oorsprong koudere lucht uit Scnadinavie binnen. Deze lucht werd boven het Noordzeewater onstabiel waardoor sneeuwbuien ontstonden. Op veel plaatsen viel enkele centimeters. Vannacht strijken we de winst van de nieuwe situatie op: nu de lucht is opgeklaard is de weg vrij voor matige vorst in de nacht en ochtend. Afgelopen nacht was dat vrijwel overal het geval.
Vandaag komt het kwik rond het vriespunt uit, van -1 in het oosten en zuidoosten tot +2 in het noordwesten. In Limburg kan wat lichte sneeuw vallen. De wind waait uit het noordoosten onder invloed van een hogedrukgebied bij Ierland en een depressie boven zuid00st Europa. Het hogedrukgebied gaat zich de komende dagen naar het noorden terug trekken. De weg komt dan vrij voor een depressie die van de regio IJsland afzakt naar de Britse eilanden en onze omgeving. Er is een gerede kans dat deze depressie in het midden van de volgende week de dooi-aanval inzet. Ook hier geldt: zeker is dat niet op een termijn van 5 tot 6 dagen.
De schaatscondities verbeteren met de dag. In midden Nederland lijkt op uitgebreide schaal geschaatst te kunnen worden. Ook de komende dagen blijven dat zo en het gebied waar het ijs dik genoeg is zal zich geleidelijk naar het zuidwesten uitbreiden. Het zal een mooi schaatsweekend worden.
(8-2-2010)
Vorstweek
De geschiedenis herhaalt zich. Zoals eerder deze winter gaat een vorstperiode vergezeld van een kleine storing vanuit Scandinavie. Boven midden Zweden ligt het centrum van een klein lagedrukgebied dat vooral op grotere hoogte gevuld is met koude lucht. Het wordt ook wel een koudeput genoemd. ZoÕn koudeput is soms aan de grond nauwelijks als lagedrukgebied te herkennen, maar op grotere hoogte wel. De kou in zoÕn koudeput is tot boven 5 kilometer terug te vinden. Zo zien we boven een groot deel van Scandinavie op ongeveer 5 kilmeter hoogte temperaturen van omstreeks -40. Een deel van dat gebied zal woensdag als koudeput(je) over Nederland en Duitsland naar het zuiden trekken.
Boven zee kan deze hoogtekou gaan leiden tot sneeuwbuien. De dynamiek van het hele systeem is nog niet precies te voorspellen. Globaal zal het in ieder geval leiden tot sneeuwval en aan zee mogelijk wat zeewind brengen met natte sneeuw. Het KNMI waarschuwt nu reeds voor sneeuw in de nacht van dinsdag op woensdag. De vorst zal zich daarbij in het grootste deel van het land handhaven en in de nacht van woensdag op donderdag komt het weer tot lichte of matige vorst.
In het noordoosten van het land zijn de ijscondities al weer vrij goed tot goed. Zelfs komt het tot een belangrijke schaatswedstrijd op natuurijs zoals blijkt uit dit bericht dat ik vond op de site van RTV noord:
GRONINGEN - De kogel is door de kerk: Het NK marathonschaatsen op natuurijs zal aanstaande
woensdag op het Zuidlaardermeer verreden worden.
Dat heeft de Koninklijke Nederlandse Schaats Bond, de KNSB, besloten. De laatste keer dat er een NK marathon op natuurijs werd verreden was op 8 januari vorig jaar.
De start van de dames zal plaatsvinden om half negen 's ochtends, die van de heren twee uur later, om half elf. Start en finish zijn bij De Bloemert.
Het was eerst de bedoeling dat het NK vorige week al op het Zuidlaardermeer zou plaatsvinden, maar dat ging uiteindelijk niet door.
In het midden en westen van het land zijn de schaatscondities aanzienlijk minder. In Zuid Holland zal het nog even afwachten zijn of er deze week voldoende ijs komt. De sneeuw kan woensdag, zoals zo vaak deze winter, het aangroeien van het ijs verstoren, terwijl we in het zuidwesten praktisch bij 0 zijn begonnen. Misschien gaat het op de Loosdrechtse Plassen weer wel lukken. Als alles mee zit komt het westen van Zuid Holland aan het eind van de week nog aan de beurt.
Vandaag was het een koude dag. Op veel plaatsen, vooral in het zuidwesten van het land, daalde de temperatuur vrijwel de hele dag door. In de middag liepen de temperaturen uiteen van rond het vriespunt in Zeeland tot -4 in het noordoosten. In de aangevoerde lucht kwam nog vrij veel bewolking voor; een wat sombere en koude dag. De komende nacht vriest het op de meest plaatsen matig en morgen komt het kwik opnieuw op de meest plaatsen niet boven 0.
Zo lang de aanvoer vanuit het oosten blijft komen, zal het koud blijven. We worden daarbij geholpen door het sneeuwdek dat een groot deel van Duitsland bedekt; dit houdt de temperatuur aldaar laag. Op langere termijn zit er nog geen echte dooi-aanval in. De vorst houdt waarschijnlijk tot en met het weekend aan.
(7-2-2010)
Winter komt terug
De winter sluipt het land weer binnen. Vandaag bleef in het noordoosten van Groningen de temperatuur al onder 0 hangen. Elders werd het niet warmer dan 1 tot 3 graden. Met oostnoordoosten wind wordt geleidelijk koudere lucht aangevoerd, waarin het op veel plaatsen ook morgen overdag blijft vriezen. De nachten worden ook kouder. Komende nacht -2 tot -7 en van maandag op dinsdag komt in het oosten de -10 in zicht. Op uitgebreide schaal kan het dan tot matige vorst komen.
Bij IJsland is de luchtdruk hoog en ver weg op de oceaan ligt een groot depressiegebied, dat slechts kleinere storingen afvuurt naar Spanje en de Middellandse Zee. Daardoor blijft bij ons de wind in de oost- tot noordoosthoek zitten en is de komende dagen de aanvoer van koude lucht gegarandeerd. Kijken we naar de verwachte temperaturen in De Bilt, dan kan na woensdag het Hellmanngetal al weer opgelopen zijn tot ongeveer 12. Daarmee krijgt in De Bilt een derde vorstperiode geleidelijk vorm. Met wat oud ijs vooraf en nog een nacht vorst kan het ijs plaatselijk op donderdag al dik genoeg zijn om te schaatsen. In het westen is de situatie iets minder gunstig. Het aankondigen van schaatsijs gaat nu nog te ver, maar het begin is er na woensdag weer.
Voor de verdere ontwikkelingen is het gedrag van een met koude lucht gevuld lagedrukgebiedje van belang, dat vanuit Scandinavi‘ naar het zuiden trekt. Het kan de wind bij ons naar noord doen krimpen en de vorst aan de kust doen afnemen. De vorst in de nacht lijkt ook na woensdag nog te blijven en op langere termijn zijn er aanwijzingen dat Europa op slot blijft voor aanvoer van zachte lucht. Er is dus alle kans op een herstart van het winterweer. Wel moeten we er rekening mee houden dat de zon steeds krachtiger wordt, waardoor overdag de temperatuur steeds gemakkelijker boven 0 gaat komen.
(5-2-2010)
Wintersuggesties
Wat een afknapper, dat alle weermodellen in het vorige weekend plots bijdraaiden en de kou uit de verwachting schrapten. Een paar dagen
lang, omstreeks 29 en 30 januari, waren alle weermodellen het globaal eens: het Russiche hogedrukgebied zou invloed krijgen op het weer in west Europa en de kou opstuwen naar het westen. Details
verschilden, waarbij het ene model wat lagere temperaturen gaf dan het andere op basis van varianten in de stroming. Ik heb goede hoop gehad, dat het zou lukken op de drempel van februari maar moest op
basis van de twijfel die er bestond, toch stellen dat we het moesten doen met: het zal waarschijnlijk kouder worden in de loop van deze week. Welnu, dat was ineens van de baan en de winterliefhebbers
zaten met een kater.
We zagen in die situatie dat de weermodellen het redelijk voorspellen van het ontstaan een blokkade niet altijd kunnen, zeker niet op een termijn van 7 dagen. Op de korte termijn van 3 is de betrouwbaarheid tegenwoordig groot en daar moeten we ons in het vervolg van de winter maar aan houden. Daarom zullen we eens kijken wat we te verwachten hebben in de komende dagen en voor het vervolg de rekenmodellen, kaarten en pluimen maar nemen voor wat ze waard zijn: leuke suggesties.
Eerst iets over de winter tot nu toe. Wat opvalt is het verschil tussen het noordoosten en het zuidwesten van het land. Terwijl we in Rotterdam al een paar dagen de indruk hebben dat de
voorjaarsregens begonnen zijn, ligt in het uiterste noordoosten nog sneeuw en is de temperatuur nog niet ver boven 0 geweest. Eelde kende na 18 januari uitsluitend vorstdagen (minimum onder 0) en de
temperatuur is er niet hoger geweest dan +4,5. In het noordoosten van Groningen, waar nog een 6 tot 8 cm sneeuw ligt is het ongetwijfeld nog iets kouder geweest. In Rotterdam vroor het sinds 18 januari
alleen op 25, 26 , 27, 30 en 31 januari en op 1 februari. Gisteren kwam het tot +8,2 graden. Als we de winter tot nu toe bekijken, zien we ook verschillen in gemiddelde temperatuur; van 1 december t/m 4
februari zijn de gemiddelde temperaturen als volgt: Rotterdam 1,7 ; De Bilt 1,0 en Eelde -0,3. Het koudegetal volgens Hellmann was in Rotterdam 48,7 en op Eelde 106,9. Vrij grote verschillen vinden we
daarin dus. In De Bilt staat het koudegetal op 70,1 en daarmee is deze winter op basis van de statistiek van de afgelopen 30 jaar aan de koude kant te noemen. Misschien kunne we zelfs zeggen : koud. Dat geldt als we de grens bij 70 punten leggen. (Zie ook bulletin no 28)
Op dit moment beginnen de weermodellen ons weer winterse situaties te suggereren. De spanning stijgt dus weer voor de winterliefhebber. Zeker is in ieder geval, dat het de komende dagen kouder wordt. Een depressie trekt morgen zuidelijk van ons land door naar Frankrijk. Als gevolg daarvan draait de wind naar oostelijke richtingen en gaat geleidelijk koudere lucht binnen stromen, het eerst in het noordoosten van het land. In noordoost Groningen zal de sneeuw niet helemaal verdwijnen want daar zal het in de komende nacht mogelijk al weer licht vriezen. Zondagochtendochtend vriest het dan in het hele land en overdag zal het in het noordoosten nauwelijks nog boven 0 komen tegen ongeveer +3 in het zuidwesten. Een lange en krachtige oostelijk stroming zit er echter nog steeds niet in, want op de korte termijn zal het Russische hogedrukgebied, nog steeds nadrukkelijk aanwezig op de weerkaart, geen verbinding kunnen maken met een rug van hoge druk op de noordelijke atlantische oceaan.
Is daarmee de winter tot mislukken gedoemd? Dat kan nog niet gezegd worden. Een depressie, die met koude lucht is gevuld, ligt boven noord Scandinavie en gaat langzaam naar het zuiden trekken
onder invloed van drukstijgingen in de omgeving van IJsland. Deze depressie kan ons in het midden van de week wat sneeuw brengen maar ook een portie verse koude lucht uit Scandinavie. We zitten dan in de
termijn van 6 dagen en daar is de betrouwbaarheid te gering om een verwachting te gaan geven. Kleine details kunnen hier weer grote gevolgen hebben voor de temperatuur. In ieder geval gaat het de komende
dagen kouder worden, met in de nacht meest lichte, later in het oosten plaatselijk matige vorst. De winter lijkt nog niet voorbij.
(30-1-2010)
Sneeuwwinter
Deze winter begint zich steeds meer te profileren als sneeuwwinter. Na doorbraak van een depressie dwars door het Scandinavische hogedrukgebied, afgelopen woensdag, zijn we weer overgeleverd aan het kwakkelweer. Aanvankelijk viel er voornamelijk regen, maar in de afgelopen nacht sneeuwde het weer op veel plaatsen. Er viel plaatselijk 8 cm. Vanochtend klaarde het op een aantal plaatsen op, waardoor de temperatuur nog tot omstreeks 10 uur daalde, waarbij het op de meeste plaatsen licht vroor. Veel gladheidsproblemen in grote delen van het land.
De sneeuwval hebben we te danken aan het feit, dat geleidelijk koudere lucht werd aangevoerd tussen een depressie boven Scandinavië en een hogedrukgebied op het midden van de Atlantische oceaan. In deze lucht ontstaan gemakkelijk storingen met sneeuw die vanaf de Noordzee over ons land trekken. Doordat de depressie boven Scandinavië maar heel geleidelijk opvult, zal deze situatie nog enkele dagen aanhouden. Een wisselend weerbeeld dus, met af en toe sneeuwbuien en in de nacht op de meeste plaatsen lichte vorst.
Voor de ontwikkelingen op lange termijn stellen de weermodellen ons voor een puzzel die op dit moment niet is op te lossen. De uitvoer van de modellen wisselt voortdurend in de tijd. Wel is de algemene tendens dat in het midden van volgende week de druk boven Scandinavië zal stijgen; daarbij komt een Siberisch hogedrukgebied geleidelijk naar het westen waarbij mogelijk een zeer groot hogedrukgebied boven noord Europa kan ontstaan. Of en op welke wijze de verschillende druksystemen gaan samenwerken om in onze omgeving een koude stroming tot stand te brengen is nog steeds niet duidelijk. Komt de kern van het hogedrukgebied te ver weg te liggen, dan is het onzeker of die oostenwind wel gaat doorzetten. Zakt het hogedrukgebied te snel af naar het zuiden, dan lukt het ook niet. Zit alles mee, dan kan met een lange oostelijke stroming de strenge kou uit het oosten naar ons toe komen. We moeten dit nog steeds afwachten. Voorlopig blijft het kwakkelen en kan het sneeuwdek weer gaan aangroeien. Dat kan slecht zijn voor de kwaliteit van het ijs. Het kan ook een versterkende factor worden voor de kou. Dat in de tweede helft van volgende week kouder gaat worden is in ieder geval waarschijnlijk. Daar zullen we het voorlopig mee moeten doen.
(26-1-2010)
Tijdelijk vorst
Het is ‘m gelukt, die winter van 10: eindelijk weer een (korte) periode met transportkou. Met noordoostelijke wind wordt zeer koude lucht uit Duitsland en Scandinavië aangevoerd. Die aanvoer kwam gisteren op gang en bracht heel Nederland in de vorst. In de avond werd in het noorden al plaatselijk strenge vorst gemeld en in de rest van het land ging de temperatuur ook gestaag naar beneden. In de ochtend werd overal matige tot strenge vorst gemeld; de grens van -10 lag ongeveer van IJmuiden over Utrecht naar Nijmegen. Van -5 in Zuid Limburg en Zeeuws Vlaanderen tot -13,4 in Stavoren. In Zuid Holland varieerde de temperatuur van -7 in Hoek van Holland tot -10 in het uiterste oosten van de provincie. Verder naar het oosten werden nog lagere temperaturen gemeten. In het oosten van Duitsland beneden -15 en in Polen plaatselijk beneden -20.
Een knappe vorstnacht dus. De verwachting is, dat de temperatuur vandaag niet hoger komt dan -2 in Zeeland tot -6 in de sneeuwgebieden in het noorden van het land. In Zuid Holland maximumtemperaturen tussen -2 en -4. Een goed koud etmaal voor de ijsaangroei, want ook vanavond gaat de temperatuur weer flink onderuit. In de voornacht kan het weer op uitgebreide schaal tot strenge vorst komen; in Zuid Holland plaatselijk weer -10. In de nanacht gaat de wind draaien naar zuid tot zuidwest en komt er wat sluierbewolking binnen. Daadoor zal de temperatuur geleidelijk iets gaan oplopen, het eerst in het noordwesten van het land.
Als de winter er de brui aan zou geven na woensdag, dan zou het koudegetal in De Bilt staan op ongeveer 70; vandaag registreren we 60,3 in De Bilt, 42,0 in Rotterdam en 72,0 in Leeuwarden. Daarmee zitten we, trouw aan de indeling van het KNMI in de categorie “normaal”. Het KNMI hanteert tussen 40 en 100 als normaal voor De Bilt. Ongeveer 30% van alle winters sinds 1901 valt in deze categorie. Het gemiddelde koudegetal sinds 1901 is in De Bilt 78. In de periode 1940 t/m 1969 lag het gemiddelde nog omstreeks 100 en sinds die tijd is het 30-jarig gemiddelde gedaald tot 55 in de afgelopen 30 jaar. Een grafiekje kan dit illustreren. Het koudegetal, het 10-jarig gemiddelde en het 30-jarig gemiddelde is daarop te zien.
Gaan we uit van de laatste 30 jaar, dan zit deze winter al boven het gemiddelde en zal dus zeker aan de koude kant, en vermoedelijk als koud in de boeken komen. Ik vraag me af of we die grens van 100 moeten aanhouden. Een grove benadering voor de huidige situatie brengt mij op het volgende: in de 20-ste eeuw had 27% van de winters een koudegetal boven 100. In de laatste 30 jaar had 27 % van de winters een koudegetal boven de 70. Onderaan 1991 met 77,3 en in top 1985 met 193,6. Ruwweg kunnen we dan nu de grens voor een koude winter stellen op 70 Hellmannpunten. En die grens wordt vermoedelijk morgen bereikt.
De winter van 10, hoe nu verder? Zowel vandaag als de komende nacht blijft het flink vriezen. Op woensdag baant een depressie zich een weg door het hogedrukgebied dat zich nu nog van Rusland over Denemarken naar Engeland uitstrekt. Daardoor komt de weg vrij voor minder koude lucht. Mede door drukstijgingen op het midden van de oceaan wordt een flinke portie koude poollucht over de Noordzee naar het zuiden gestuurd. Onderweg is deze lucht dermate opgewarmd dat bij een vrij krachtige noordwestenwind de temperatuur aan de kust tot +5 kan oplopen. In het zuidoosten en oosten kan het woensdag nog de hele dag blijven vriezen. Het binnendringen van deze minder koude lucht gaat gepaard met (natte) sneeuw, in het uiterste westen ook regen, die woensdag rond het middaguur het uiterste noordwesten van het land kan bereiken. Er breekt een periode aan met temperaturen overdag iets boven 0 en in de nacht lichte vorst. De wind gaat geleidelijk iets afnemen, waardoor de nachtvorst tegen het weekend weer sterker wordt. Storingen vanuit het noordwesten kunnen af en toe (natte) sneeuw brengen. Het gekwakkel gaat voorlopig gewoon verder. Ook daarop heeft de winter van 10 een abonnement.
Op langere termijn (10 dagen) suggereren verschillende modellen toch weer winterse ontwikkelingen. Het lijkt erop dat de poolwervel zich in drieën splitst, waarbij een hogedrukgebied boven de noordelijke ijszee en noordwest Siberië in kracht toeneemt en zich iets westwaarts gaat verplaatsen. Tegelijkertijd is de luchtdruk op de noordelijke Atlantische Oceaan ook hoog. Deze twee systemen gaan mogelijk een verbinding krijgen, waardoor een groot hogedrukgebied ontstaat. Let wel: dit is een mogelijkheid. Het aardige is wel, dat deze mogelijkheid aan het begin van februari kan plaats vinden. Wordt dit werkelijkheid, dan verwacht ik nog een stevige portie winter in februari. Ik houd u de komende dagen op de hoogte van de ontwikkelingen.
Intussen vriest het hard en groeit het ijs weer flink aan. Voor het zuidwesten heeft dat alleen betekenis voor plaatsen waar nog oud ijs lag. Nieuw ijs zal in deze twee koude etmalen niet dik genoeg worden; verder dan een centimeter of 4 à 5 zal het niet komen. En woensdag valt dan weer de lichte dooi in. Meldingen van natuurijs komen hoofdzakelijk uit het noordoosten van het land. Daar kan vandaag geschaatst worden. Morgen zal omstreeks het middaguur de dooi intreden met natte sneeuw in het uiterste noordwesten van Friesland. In de loop van de middag trekt de dooigrens tot aan Twente en midden Brabant. Na morgen is het weer voorlopig afgelopen met het schaatsvertier. Lichte dooi en sneeuw zullen de ijskwaliteit weer aantasten. Op langere termijn zijn er misschien weer mogelijkheden, want de winter van 10 is nog niet uitgesproken.
Bron temperatuurgegevens: KNMI
(24-1-2010)
Tijdelijk vorst
Een winter met verrassingen, dat is het. In dit weekend bracht een sneeuwstoring opnieuw een pak sneeuw met name in het noordwesten van het land. Ook in Zuid Holland viel sneeuw, al was het in onze omgeving (Rotterdam) wel een natte boel. Verder naar het oosten van de provincie viel een aantal centimeters bij temperaturen omstreeks 0 graden. Daarmee bevestigt deze winter eens te meer zijn kwaliteiten als sneeuwwinter.
Het is bovendien een winter die ons vaak lang in het ongewisse laat over de ontwikkelingen in de komende dagen. Lang was het heel onzeker of de koude lucht in Duitsland en Scandinavi‘ wel over ons land zou uitvloeien. Zo veel is nu duidelijk: in de loop van maandag stroomt deze koude lucht over ons land uit. Dat betekent dat maandagavond heel Nederland weer in de vorst zal zijn gekomen. Dinsdag wordt een koude dag met ook vorst overdag. Waar sneeuw ligt zou het kwik wel eens bij -4 kunnen blijven steken. Ook woensdag begint heel koud, met matige tot strenge vorst in de vroege ochtend. De strenge vorst zal vooral gemeten worden op plaatsen met een sneeuwdek.
Wat daarna gebeurt lijkt een beetje op de ontwikkelingen rond 20 december: een nieuw hogedrukgebied strekt de rug naar het noorden. Een depressie trekt over Scandinavi‘ naar Polen; tussen beide druksystemen stroomt koude poollucht over de Noordzee naar het zuiden. Dat gaat opnieuw wisselvallig weer geven met grote kans op een pak sneeuw. De temperatuur gaat daarbij weer omhoog naar waarden die dicht bij het vriespunt liggen. In het westen van het land zal dit vermoedelijk overdag dooi geven.
Intussen is het in het noorden van het land al een paar dagen gewoon winter. Met uitzondering van het westen van Friesland is daar weinig sneeuw gevallen. Dat betekent dat het ijs daar verder aangroeit en dat schaatstochten in het verschiet liggen. Dat daar inmiddels behoorlijk wat ijs ligt blijkt uit de berichten over schaatsen, zoals zaterdag op het IJsselmeer bij Hindeloopen. In het westen van het land zijn we praktisch weer bij af. Alleen op ondiep water liggen nog ijsresten. Daarop zou woensdag weer plaatselijk een mooi ijsvloertje kunnen liggen. Op het diepe water gaat het deze week niet lukken.
Wat hebben we van het vervolg van de winter te verwachten? Deze week een wisselend beeld: eerst een paar dagen met vorst en vanaf woensdagavond opnieuw kwakkelweer. Op langere termijn valt er niets van te zeggen; de modellen zijn nog op zoek naar een duidelijk beeld. Een duidelijke aanwijzing voor definitieve dooi zie ik nog niet. De winter laat zich niet zo gemakkelijk wegjagen.
(22-1-2010)
Geen vuist
Nog steeds zijn we in afwachting van de ontwikkeling naar vorst, die al of niet gaat
komen. Intussen is zo maar koude lucht binnen gestroomd in het noorden van het land. In Groqningen bleef de temperatuur in de middag bij -2 tot -3 hangen.
Ook grote delen van Friesland en Drenthe beleefden vandaag een ijsdag. Aan de andere kant van het land steeg de temperatuur tot bijna 7 graden. Een groot verschil dus. Daarbij ligt er in het noorden nog ijs, terwijl dit in het zuidwesten grotendeels is weg gedooid. Op de Rotte nabij Rotterdam zag ik woensdag al weer open water.
Gaat die vorst er nu komen volgende week, of niet? Het probleem is, dat de toonaangevende weermodellen ons daar nog steeds geen uitsluitsel over kunnen geven. Dat heeft te maken met het feit dat de weermodellen slecht raad weten met een geblokkeerde situatie, zoals die nu al weer heel lang in west Europa heerst. Het in het oog springend weersysteem is nog steeds een groot hogedrukgebied boven Siberi‘ met een uitloper naar Scandinavi‘. In het hogedrukgebied heersen diepvriestemperaturen met in Rusland ook overdag op veel plaatsen zeer strenge vorst. Meer naar het westen vriest het in Polen matig tot streng en in het oosten van Duitsland licht.
Het hogedrukgebied heeft voor ons een paar zwakke plekken. Ten eerste ligt het met een centrum van ruim 1050 hPa boven Rusland ver van ons weg, waardoor in onze omgeving zwakke randstoringen van een oceaandepressie kunnen doordringen. Ten tweede is de luchtdruk in het middellandse zeegebied te hoog, waardoor de oostelijke stroming boven Rusland en de Balkan nog niet echt doorzet naar west Europa. Een kleine stroring nadert ons land vanuit het westen. Het is een treuzelende storing die in het weekend geleidelijk invloed op het weer in ons land zal krijgen. Daarbij kan regen of natte sneeuw vallen en in het oosten ook droge sneeuw.
In de loop van de komende dagen zal deze treuzelende storing ons land passeren en naar het oosten of zuidoosten trekken. Het precieze gedrag van deze storing is weer zoÕn lastige opgave voor de weermodellen. Daarbij komt, dat vanaf de oceaan een nieuw hogedrukgebied zich iets gaat verplaatsen naar de Britse eilanden. De vraag is op welke wijze dit hogedrukgebied zich met het Scandinavische hoog gaat verbinden. Voor de kans dat er na het weekend een stevige oostelijke stroming tot stand komt geef ik vooralsnog niet veel. Wel zal de koudere lucht na passeren van de storing weer wat terrein gaan winnen naar het zuidwesten.
Door de terugkeer van de kou in het noorden van het land kan daar al weer op bescheiden schaal geschaatst worden. Daar is in het westen van het land voorlopig geen sprake van in de komende week. Helaas, de winter kan nog steeds geen vuist maken wat doorzettende vorst betreft. Zou februari dat kunnen? Het is goed mogelijk; het zou niet de eerste keer zijn, dat februari uit een ander vaatje tapt dan de voorafgaande wintermaanden.
(19-1-2010)
't Kan verkeren
Het kan verkeren. Ik heb nog maar net gesuggereerd dat februari het karwei zou kunnen afmaken, of we zien in de computermodellen ineens weer aanwijzingen dat het in januari wel eens opnieuw zou kunnen gaan vriezen. Gisteren gaf het KNMI nog weinig voor terugkeer van de vorst op middenlange termijn en vandaag heet het dan weer: 70% kans op droog winterweer met in de nacht matige vorst. De overgebleven 30% luidt: kwakkelweer met overdag boven 0 en ’s nachts tijdens opklaringen lichte vorst. Dat is de verwachting voor de periode 25 t/m 28 januari.
Wat moeten we hiermee? Het eenvoudigste antwoord zou zijn: afwachten. Maar we willen graag iets meer weten. Het is duidelijk, dat de huidige situatie gevoelig is voor kleine verschuivingen in de ligging van de druksystemen. De ene dag kan het er ongunstig uitzien en de volgende dag weer gunstig. Ik denk, dat we moeten wachten tot de verwachtingen drie dagen achtereen consistent zijn; anders gezegd: als de komende twee dagen de vorst in de verwachtingen voor volgende week blijft zitten, dan kan de vlag uit en is het vrijwel zeker dat die vorst ook komt.
De onzekerheid houdt verband met het gedrag van een geweldig groot Siberisch hogedrukgebied. De kern ervan ligt nu met 1070 hPa op de grens van Siberië en Mongolië. Het heeft een sterke ontwikkeling in oost-west richting en strekt zich uit van Noord-Korea tot over Rusland en Scandinavië. (Je zou ook kunnen zeggen: het hele traject van de transsiberische spoorlijn en aan de westkant meer dan dat) Dit soort langgerekt hogedrukgebied heb ik lang niet op de weerkaarten gezien. Het belangwekkende voor ons is dat het grotendeels en vooral aan de zuidkant gevuld is met zeer koude lucht. Nog belangwekkender is de verplaatsing die het mogelijk zal ondergaan. Om dat te laten zien, geef ik een paar kaartjes van het Amerikaanse weerbureau GFS voor het noordelijk halfrond. Het eerste kaartje is van vandaag 18 uur.
De kleuren geven een indicatie voor de luchtdruk op ongeveer 5 km hoogte. Waar de kleur groen is, zoals in het zuiden van Siberië in de buurt van Kazachstan, is
de druk op die hoogte lager en dat betekent dat de onderste luchtlaag benden 5 km kouder is. We kunnen zo een beetje een indruk krijgen wat die koude lucht gaat doen.
Hoe koud? Overdag en ’s nachts is het in dat deel van Siberië tussen -10 en -20 en plaatselijk nog iets lager. Volgens de verwachting van GFS zal het hogedrukgebied zich westwaarts verplaatsen. Over drie dagen (vrijdag) zou de situatie zo kunnen zijn als op onderstaand kaartje.
De kern van het hogedrukgebied ligt nu boven Europees Rusland en de koude lucht is aan de zuidflank van het systeem verder opgedrongen naar het westen. In het oosten van Polen zou het dan overdag ruim 10 graden vriezen en de vorstgrens zou aan onze oostgrens kunnen liggen. Gaan we nog een paar dagen mee met de verwachting van GFS, dan zien we het volgende plaatje:
De kern van het hogedrukgebied ligt nu boven zuid-Scandinavië en de kou is nu ook in ons land. Overdag en ’s nachts onder 0 met matige en plaatselijk strenge vorst in de nacht. In midden-Europa zijn temperaturen tot beneden -20 mogelijk. Het zou prachtig zijn als deze ontwikkeling werkelijkheid wordt. Ik laat ‘m zien om dat het te mooi is om zo maar voorbij te laten gaan. Zekerheid over die kou van volgende week hebben we pas over een paar dagen.
Intussen gaat het siberische hogedrukgebied de komende dagen al enige invloed uitoefenen: de wind draait naar de oosthoek en de kleine stroringen die ik gisteren noemden krijgen minder invloed op ons weer dan eerst werd verwacht. Er is nog geen sprake van erg koude vrieslucht; het zal bij wat lichte vorst in de nacht blijven de komende dagen. Het ijs zal dan ook nauwelijks meer verder afsmelten, zoadat de op veel plaatsen aanwezige ijslaag klaar ligt om later weer aan te vriezen. Vooral in het westen van het land is de sneeuw geheel verdwenen en is een deel van de oude laag sneeuwijs weg gedooid. Dat lijkt er dus vrij gunstig uit te zien, te meer daar er weinig sneeuw meer verwacht wordt de komende dagen. Het heeft weinig zin om nu al over ijsdikte te speculeren. Laten we daar nog twee dagen mee wachten. ’t Kan verkeren.
(18-1-2010)
Karwei afmaken
We
zitten op dit moment midden in een echte dooiperiode. In het noorden van het land kwam het kwik niet verder dan +2 tot +3 maar in het zuidwesten werden waarden van 6 tot 7° bereikt. We zien ook nu weer een behoorlijk verschil tussen noord en zuid in ons land. Met de nog aanwezige sneeuw in de noordelijke provincies zal het er nog winters uit gezien hebben. In Zuid Holland is de sneeuw al lang weg gedooid, er lag immers ook minder. Voor het ijs is het maar goed dat de dooizweep er even overheen gaat; zo kan een mogelijke nieuwe vorstperiode beter ijs gaan brengen dan de vorige twee perioden. Komt die vorstperiode er ook? Dat blijft de grote vraag, waarop ik zo dadelijk nog terug kom.
Deze winter blonk uit in sneeuwval. Uitzonderlijke hoeveelheden sneeuw zijn gevallen, en blijven liggen in verschillende delen van het land. De sneeuwval van 17, 20 en 21 december zal me nog heel lang heugen. Zelden zag ik in korte tijd zo veel sneeuw vallen in onze regio. In andere delen van het land viel ook veel sneeuw in januari, met name in het noorden van het land. Daardoor beleefden veel winterliefhebbers de winter van hun leven. De schaatsers zaten met een probleem, want die overvloedige sneeuw bedierf het ijs op veel plaatsen.
Twee vorstperioden zitten er op en we kunnen halfweg de winter wel eens de balans opmaken. In De Bilt noteren we een koudegetal volgens Hellmann van 56,9, verdeeld over die twee vorstperioden. Dat is een heel respectabel getal voor de helft van de winter. Als we dit vergelijken met het eindresultaat van alle winters sinds 1902, dan zien we dat we nu al in de middenmoot zitten: we laten nu al 61 zachtere winters achter ons. De winter van 2009 is nipt met 0,4 punten geslagen op dit moment. Mocht februari ook koud worden, dan gaan we nog vele plaatsen omhoog in het klassement.
In De Bilt staat januari nu gemiddeld op -1,4 en is daarmee tot nu tot erg koud. Niet extreem, want strenge winters in het verleden kwamen over de hele maand soms tot veel lagere waarden, tot -5,5° in 1940. Maar dat was dan ook één van de geweldenaars van de 20-ste eeuw. Dat soort waarden zijn uitzondering, maar ook in het nabije verleden zien we bijvoorbeeld in 1985 een gemiddelde van -3,0° C. En intussen is het de vraag of de rest van januari 2010 nog veel kou gaat geven of alleen maar kwakkelweer. Het gemiddelde zou nog iets kunnen stijgen. Als koud zal januari 2010 in ieder geval in de boeken komen.
Terug naar de vorstperioden. In onze omgeving, het westen van Zuid-Holland, viel de vorst een beetje tegen. Dat is in het onderstaande overzichtje te zien. Het grote water begon eigenlijk pas
in het nieuwe jaar dicht te vriezen; dan zie je een koudegetal ontstaan van 22 en dat is wel mager voor een vorstperiode. Een voordeel was dat het water op 1 janauri erg koud was en snel dicht vroor.
Daarbij viel er nog wat sneeuw, gelukkig niet al te veel, zodat het voor het schaatsijs net genoeg was. Op ondieper water in het plassengebied, zoals Nieuwkoopse Plassen, Ankeveense plassen en de
Loosdrechtse Plassen was de situatie beter; daar is toch meer dan een week geschaatst. In het staatje hieronder is ook te zien, dat de situatie in het midden van het land beter was, zoals het vroegtijdig
schaatsen op het Henschotermeer aantoonde. De meeste kou zat in het oosten van het land, met name in het noordoosten.

We kunnen concluderen, dat we met bescheiden vorstperioden te doen hebben, een beetje vergelijkbaar met de vorstperioden van de winter van 2002-2003.
Doordat de twee vorstperioden snel op elkaar volgden was er langduriger schaatsijs dan in 2003. Ook vergelijkbaar wat vorst betreft is het vorig seizoen, toen twee
bescheiden vorstperioden zo snel op elkaar volgden dat het geheel uitgroeide tot een prachtige schaatsperiode. De laatste echt zware vorstperiode beleefden we in de
winter van 96-97. In De Bilt bleef de teller na 23 dagen vorst staan op 126,2. sindsdien is de vorst steeds erg bescheiden geweest. Voor een volledig overzicht van
vorstperioden in De Bilt is de site NLweer.com erg mooi; alle vorstperioden sinds 1901 zijn hier in een tabel te vinden. De definitie van vorstperiode staat er bij.
Gaat deze winter het karwei afmaken? Uiteraard is daar geen zekerheid over. De komende dagen gaat de temperatuur iets omlaag bij oostenwind. Onder invloed van een groot Russisch hogedrukgebied gaat de kou weer voorzichtig onze kant uitkomen. Het hogedrukgebied ligt echt niet echt gunstig, zodat andere factoren de mate van kou bij ons gaan bepalen. Kleine storingen die zich van een atlantische depressie afsplitsen en onze omgeving vervolgens gaan aandoen, zullen een wisselvallig weerbeeld opleveren. Af en toe winterse neerslag en een wind die alle kanten op waait; soms uit het oosten, dan weer uit het zuiden of zuidwesten. De verwachting is dat de temperatuur, na een paar koudere dagen met lichte vorst in de nacht, in het komende weekeinde weer iets omhoog zal gaan. Kortom: het blijft voorlopig kwakkelen. Het karwei ligt in de handen van februari. Het zou zo maar kunnen dat februari het doet.
Temperatuurgegevens betreffen, tenzij anders vermeld, De Bilt
Bron:KNMI
(16-1-2010)
Hoewel er vandaag hier en daar nog werd geschaatst, was het niet echt een genoegen en moest je valpartijen voorkomen, anders was het echt koud.
Vanuit het zuidwesten nadert minder koude lucht. Het binnendringen van deze lucht gaat gepaard met regen, landinwaarts ook nog natte sneeuw of sneeuw. De wind draait morgen naar het westen tot zuidwesten en in de middag kan dan in het westen van het land een temperatuur worden gemeten van +6 graden. Vooral in het noordoosten is het minder zacht.
Komende nacht zal het vrijwel nergens meer tot vorst komen. Morgen zal in de loop van de dag de zon doorbreken en het ijs zal dan verder worden aangetast.
Toch is er nog geen sprake van een pittige dooi de komende week. Maandag zal de temperatuur oplopen naar 2 tot 4 graden, maar dinsdag en woensdag kan het in de nacht nog een graadje vriezen en overdag dan maximaal 0 tot +2 graden. Wel kunnen nevel en mist het ijs flink aantasten.
De sneeuw op het ijs zal dan op de meeste plaatsen snel zijn opgeruimd en we moeten hopen, dat er later volgende week weer koudere lucht onze kant op komt. Er zijn berekeningen die deze optie open houden, maar ik vrees toch een beetje, dat het komend weekend duidelijk zachter zal worden met kans op regen.
Wellicht moeten we net als in de jaren 80 hopen op een herhaling van de winter in februari. De Amerikanen geven in ieder geval nog hoop. Ze verwachten een te koude maand februari, trouwens ook maart en april zouden kouder moeten gaan verlopen dan gebruikelijk.
(14-1-2010)
Hoewel er vandaag al weer een wedstrijd over 100 km is verreden ziet het er voor de schaatsliefhebbers voor de komende dagen niet al te goed uit.
Afgelopen nacht kwam in een deel van het land de temperatuur al boven het vriespunt en kijken we naar de temperatuur vanmiddag om 15.00 uur dan liep deze uiteen van 0 graden in het uiterste noorden van ons land tot +4 graden in het zuiden en aan de kust. Uiteraard is dit voor het ijs geen goede zaak.
Voor de komende nacht zijn de opklaringen van belang, waarvan we vandaag konden profiteren, want het kwik zal vanavond en vannacht lokaal weer flink kunnen dalen. In het algemeen vriest het zo'n 4 graden, maar op sommige beschutte plaatsen kan de temperatuur naar -6 tot -8 graden dalen. De kans op vorming van mist is groot.
De mist moet dan morgen oplossen, maar kan hier en daar erg hardnekkig zijn. Op veel plaatsen zal de temperatuur dan ook de hele dag onder het vriespunt kunnen blijven. Een duidelijke verbetering van de kwaliteit van het ijs zit er niet in.
In het weekend krijgen we met een heuse dooiaanval te maken.
In de nacht van vrijdag op zaterdag kan het nog licht vriezen, maar overdag neemt de bewolking toe en later op zaterdag volgen er vanuit het zuidwesten perioden met regen. In het midden van het land en ook in het noorden zal de neerslag eerst nog in de vorm van sneeuw of natte sneeuw vallen. Maximum temperatuur zaterdag 1 tot 4 graden.
Zondag waait de wind uit het zuidwesten en is matig van kracht. Er wordt relatief zachte lucht aangevoerd, waarin in de middag de temperatuur gaat oplopen naar 3 tot 5 graden boven nul.
Voor volgende week blijft de zaak onzeker. Het is niet onmogelijk dat we in de loop van de week met kouder weer te maken krijgen.
Voor het ijs is het wellicht beter dat we enkele dagen met stevige dooi te maken krijgen, omdat de kwaliteit nu toch erg slecht is. Wellicht dat we dan op meer plaatsen weer het ijs op kunnen in de tweede weekhelft.
De winter van 2009-2010 is in ieder geval nog niet voorbij!
(13-1-2010)
De gemiddelde temperatuur tot en met dinsdag 12 januari bedraagt -2,3 graden tegen +2,8 graden normaal.
Afgelopen nacht vroor het overal in ons land. In Zeeland vroor het 2 tot 3 graden, Noord-Holland, Zuid-Holland en Utrecht 4 tot 6 graden. In het noorden en oosten was het veelal matige vorst met -6 tot -7 graden. Ook in Friesland vroor het 7 graden.
De vorst van de afgelopen nacht is echter geen aanzet tot een verscherping van de vorst op korte termijn. Integendeel tijdelijk krijgen we met een onvervalste kwakkelsituatie te maken met grote verschillen tussen het zuidwesten en het noordoosten van ons land.
Dankzij de vorst van afgelopen nacht kan er toch op diverse plaatsen weer geschaatst worden en ook de organisatoren van de diverse tochten blijven alert. Op basis van de huidige gegevens zal . donderdag 14 januari ook de Veluwemeertocht alsnog worden gereden.
Onderstaand ANP bericht werd vandaag uitgegeven:
Er komt alsnog een Veluwemeertocht. De natuurijsklassieker voor marathonschaatsers kan op donderdag worden verreden, meldde dinsdag de schaatsbond KNSB. De vrouwen starten om 9.00 uur voor een wedstrijd over 50 kilometer, de mannen om 11.00 uur voor de dubbele afstand.
Aanvankelijk zou de tocht op dinsdag plaatshebben, maar de organisatie blies de wedstrijd af omdat er te veel dooiwater op het ijs van de plas nabij Verburg lag. ,,We hebben nu een nieuwe omloop geschoven en die ligt er mooi bij. Het is een ronde van bijna 6 kilometer op het Veluwemeer. Het ijs is dik genoeg, overal 14 centimeter'', aldus voorzitter Aalt van den Hul.
Wat weer betreft zal het de komende dagen in de nacht en ochtend nog rond of iets onder nul kunnen uitkomen, maar overdag zal op veel plaatsen de temperatuur toch boven het vriespunt uitkomen. Voor het ijs en de ijsaangroei is dit kwakkelweer niet echt goed. Positief is nog wel, dat de kans op neerslag van betekenis klein blijft, hoewel er vooral vanavond en vannacht enige lichte neerslag zal vallen in een groot deel van ons land.
De kaarten wat betreft de voortzetting van de winter zijn nog lang niet geschud. In het weekend is de kans op een verdere verzachting volgens een aantal modellen groot, maar volgende week zou het toch weer kouder kunnen worden. De modellen hebben echter grote moeite met de huidige situatie, zodat we op dit moment niets anders kunnen doen dan afwachten.
De komende dagen meer over de ontwikkeling op langere termijn.
(11-1-2010)
Dip
D
e winter is vier weken oud en heeft ons bijna alle soorten van winterplezier en winterongemak gebracht. Dat het sneeuwt is al een beetje normaal geworden, tenminste dat ervoer ik gisteren op die manier. De kou is echter gemiddeld tot nu toe niet echt groot geweest, want het koudegetal in De Bilt staat nu op 51,8. Een mooie waarde al voor een halve winter maar nog niet “des strengen winters”. Wil deze winter uitgroeien tot een strenge, dan moet er nog heel veel meer gebeuren.
Vandaag hebben we te maken met de restanten van het sneeuwgebied dat ons land bezocht in het weekend, met in het noorden van het land een echte sneeuwjacht bij windkracht 6. Bijna 1979-toestanden, waarbij op te merken valt dat in die winter de temperaturen aanzienlijk lager waren en dat de ijzel en sneeuwjacht langer duurde, in de laatste fase van de winter zelfs enkele dagen. In de rest van het land was het ongemak in het afgelopen weekend minder en in het zuidwesten viel het erg mee. Van zaterdagochtend tot zondagavond sneeuwde het af en toe licht bij een matige en later afzwakkende wind.
Vanavond gaat geleidelijk iets kouder lucht binnen stromen. Als de lucht opklaart kan het plaatselijk weer 5 tot 10 graden vriezen. De ontwikkelingen van de komende gaan lijken aan te sturen op een voorzichtige dooiaanval uit het zuidwesten. Terwijl de druk hoog blijft in het noorden van Europa trekt een kleine storing vanuit Ierland in de richting van Frankrijk. Deze storing zou in zuid Nederland op donderdag de temperatuur kunnen opjagen naar waarden boven het vriespunt. Tot die tijd zal het overal bij oostenwind koud blijven met zowel overdag als in de nacht temperaturen onder het vriespunt. In het weekend laten de Amerikanen de vorst verdwijnen uit ons land, maar dat is allerminst zeker. Dat de winter in een soort van dip komt, lijk me wel waarschijnlijk. Op nog langere termijn zijn er goede kansen dat de winter zich herstelt door nieuwe drukstijgingen bij IJsland en Scandinavië.
Het ijs is er niet beter op geworden de afgelopen dagen. De sneeuwval en de relatief hoge temperaturen, met overdag en in de nacht niet meer dan 1 graad vorst, hebben de kwaliteit opnieuw verslechterd. Het ijs is niet dikker geworden en mogelijk zelfs iets dunner. De nieuwe sneeuwlaag op het ijs maakt het schaatsen moeilijker en kan bovendien de kwaliteit onherkenbaar maken. De KNSB waarschuwt voor onbetrouwbaar ijs en raadt iedereen aan slechts op de officiële ijsbanen te schaatsen. Gisteren zijn door de slechte omstandigheden geen toertochten meer gehouden. Mijn advies: schaats niet waar een ongerepte sneeuwlaag ligt. Wacht in ieder geval nog een dag, want morgen kan de situatie weer iets verbeterd zijn door een nacht met vorst. IJsmeldingen zijn er intussen ook op deze site te vinden. Het gaat zo te zien om ijs op ondiepe sloten en vaarten.
(9-1-2010)
Extreme kou?
Gisteren, thuis gekomen van een prachtige schaatstocht op de Loosdrechtse Plassen bij -4, settelde ik mij op de bank voor het 8 uur journaal. De presentatrice kondigde aan het begin aan, dat we “extreme kou” zouden krijgen! Wat nu, dacht ik, is er iet nieuws gaande? Felle transportkou, of -20 of zoiets? Niets van dat al. We hebben hier andermaal met de winterhype te maken. Nieuwsmakers (ja, zij maken nieuws i.p.v. er van te berichten) vallen over elkaar heen om met krachtige termen te berichten over het extreme winterweer. Met de waarheid neemt men daarbij, en ook bij de NOS, dan graag een loopje als het maar goed bekt.
Wat was er aan de hand? Voor vandaag werd een krachtige wind verwacht met sneeuw en temperaturen van -2 of misschien wel -3. Is dat extreem koud? Hoe komt men er bij. Was dat omdat Erwin Krol een gevoelstemperatuur van -15 aankondigde? Als dit extreem is, dan hebben we een heel nieuw klimaat, dat vele graden warmer is dan het oude van 25 jaar geleden. Nee, dit is niet extreem. Het kan bij dezelfde wind nog wel 8 tot 10 graden kouder. Weten we het nog, 14 januari 1987 met een vrij krachtige oostenwind en temperaturen van -14 tot -17 in de ochtend. Of 31 december 1978 met een sneeuwjacht in de ochtend bij -11? En 3 januari 1997 met krachtige wind en in de middag -7?
Het sneeuwt extreem veel, dat klopt. Maar op veel plaatsen is het nog nauwelijks echt koud geweest en het hele land staat op zijn kop. Gisteren beweerde zelfs Margot Ribberink van Meteoconsult dat we best al wel een strenge winter beleven. Bij mijn weten bepalen we dat achteraf en niet als het koudegetal in De Bilt pas op 50 staat. Hoe gek het wordt, blijkt ook uit de waarschuwing om maar er maar niet op uit te gaan vandaag. Mensen, het vriest een graad en er staat een krachtige wind met lichte sneeuw. In wat voor land leven we? Moet nu niet heel Rusland nog twee maanden binnen blijven? Moet niet als de wiedeweerga een groot deel van Canada geëvacueerd worden? Nee, daar zijn ze er gewoon aan gewend en wij kunnen ook aan onze winter wennen. Bij echt extreem weer is een waarschuwing op zijn plaats. Vanochtend fietste ik welgemoed door de stad. Een ietwat snijdende wind woei langs mijn gezicht. Dat is winter in Nederland. Hoera, het bestaat nog!
Intussen beleven we wel een bijzondere winter met op veel plaatsen extreme sneeuwval en aanhoudend koud weer. Gisteren genoot ik van een tocht op Loosdrecht met schitterende wintervergezichten en een koud briesje dat bij tegenwind wel een beetje koud aan de oren was. De temperatuur schommelde rond -3 of -4 (bij tegenwind gevoelstemperatuur -12) en geleidelijk boorde de zon zich een weg door de stratusflarden. Hoe mooi is het om dit te trotseren in die unieke witte wereld. Wat een kleuren ook in de middag! Vandaag doet de winter er een schepje bovenop met plaatselijk sneeuwjacht. Hoeveel er gaat vallen is niet te zeggen, maar het lijkt er op dat het zuidwesten van het land opnieuw de minste sneeuw krijgt. Dat zou mooi zijn, want het ijs lijkt hier nu eindelijk op dikte te komen.
Na zondag, waarop er ook nog sneeuw blijft vallen, klaart het weer op en gaan we naar matige vorst in de nacht. Aanhoudend winters met op woensdag volgens het KNMI onzekerheid over enige stijging van temperatuur. Op nog langere termijn is de onzekerheid ook aanwezig. De kans dat de winter in een dooidip raakt over een week is aanwezig. Laten we de verwachting op die termijn maar laten rusten en voorlopig genieten van deze vasthoudende winter. De winter van 10 heeft de potentie om tot een koude winter uit te groeien. Of dat gaat gebeuren en eventueel een strenge winter zal geven, we wachten het af.
Op steeds meer plaatsen in het westen van het land wordt er geschaatst. Het plassengebied van Ankeveen, Loosdrecht en Nieuwkoop; de Krimpenerwaard; ook op de Alblasserwaard wordt uitgebreid geschaatst, al zijn daar ook stukken niet geveegd en zijn er hier en daar wakken. Bij Maassluis zag ik schaatsers op kleinere vaarten. Het grote water in het Westland ziet er onbetrouwbaar uit. De berichten uit Friesland zijn niet erg opwekkend: de grote hoeveelheden sneeuw hebben daar op een aantal plaatsen het ijs verknoeid. Over de tocht zullen we verder maar zwijgen. Bij dezen, met hoop op betere tijden.
(7-1-2010)
Hype
Het sneeuwt overvloedig de laatste weken, er komt hier en daar af en toe strenge vorst voor en het land staat op zijn kop. We zijn kennelijk helemaal niets meer gewend. Op basis van dit alles beginnen de wildste vergelijkingen en speculaties op te doemen. Sommigen spreken over een zeer strenge winter. Anderen beginnen vergelijkingen te maken met strenge winters uit het verleden. Zo passeerden al 1979, 1947 en 1929. Dat lijkt me alles heel erg voorbarig, want het is pas begin januari en een lange vorstperiode hebben we nog niet gehad en zeker geen koudegolf.
Hoe koud is het geweest tot nu toe? Laten we daartoe het getal van Hellmann eens bekijken voor De Bilt, Leeuwarden en Rotterdam. Tot nu toe staat de teller in De Bilt op 39,2 ; in Leeuwarden op 39,1 en in Rotterdam op 25,8. Is dat veel? Nee, zeker niet. Die 39 punten in De Bilt is slechts 2 punten meer dan in de tweede vorstperiode van 2003! Die hele winter van 2003 had 80 punten, dus twee maal zo veel als tot nu toe in de winter van 10. En in Zuid Holland zien we 25,8 voor Rotterdam waarvan nog geen 10 punten in het nieuwe jaar. Hier in de buurt kan nog niet eens op enige schaal geschaatst worden. Een strenge winter? Voorlopig geen sprake van.
Laten we dus niet overdrijven en reëel zijn: de winter is vasthoudend en bracht veel sneeuw. Dat is op zich heel opmerkelijk gezien de winters die we de voorgaande 12 jaar gezien hebben. Maar een strenge winter? Dat moet nog blijken, want zie een wat echte winters in het verleden presteerden aan Hellmannpunten:
207 in 1979; 211 in 1956; 227 in 1929; 346 in 1963. Om er een iets kleiner maatje bij te halen: 193 in 1985. In alle winters kwamen heuse koudegolven voor: minstens 5 ijsdagen met daarin tenminste 3 maal strenge vorst. Dat moet deze winter nog laten zien. Daar is zeker hoop op, want de vasthoudendheid waarmee in deze winter de blokkade blijft bestaan, waardoor koude lucht over heel Europa uitvloeit, is opvallend. Het zou mij dan ook niet verbazen als er nog veel meer komt.
Nog een hype: de elfstedentocht. Terwijl in delen van Friesland nog lang geen voldoende ijs ligt komen de speculaties op gang. De wildste ideeën komen op om het ijs in betere conditie te krijgen. Zelfs het idee om de bovenste sneeuwijslaag af te smelten om zo een betere ijsvloer te krijgen. Wat een onzin. Op welke schaal zou men hier energie aan willen verspillen? De natuur gaat intussen haar gang. De kou in Leeuwarden is nog niet echt opvallend en in het noordwesten van de provincie kan het alleen maar slechter zijn. Voorlopig is de tocht nog 10 nachten met strenge vorst weg.
Op diverse plekken op het internet zijn meldingen van schaatsijs te vinden. Er kan inderdaad hier en daar geschaatst worden. Het is sterk afhankelijk van de hoeveelheid sneeuw en van de vorstgeschiedenis. Informeer naar de toestand ter plaatse. Er is in het algemeen weinig meer over te zeggen dan wat ik in bulletin 17 heb geschreven. Op diep buitenwater: nog steeds onbetrouwbaar. Morgen kan het ijs daar weer een centimeter dikker zijn; zaterdag lijkt het ijs op veel plaatsen dik genoeg te worden. Let wel: bij weinig of geen sneeuw op het ijs. Ligt er wel sneeuw, dan geldt opnieuw: stel je ter plaatse of via internet op de hoogte van de toestand.
Gisteren sneeuwde het opnieuw her en der in het land. Een treuzelende sneeuwstoring op de Noordzee heeft nog steeds invloed op ons weer. Het hogedrukgebied bij IJsland zakt iets naar het zuiden af en gaat zich in de richting van Scandinavië uitbreiden. Intussen wordt onze sneeuwstoring opgenomen in een groot lagedrukgebied, dat zich tot een forse Genua-depressie gaat ontwikkelen. Dat betekent: een krachtige oostelijke tot noordoostelijke stroming gaat koudere lucht aanvoeren. Komende nacht kan het weer op sommige plaatsen boven de sneeuw streng vriezen. Temperaturen tot -15 zijn mogelijk. In het westen, en zeker waar weinig sneeuw ligt, zal de vorst beperkt blijven tot -6 à -7. Morgen is het erg koud doordat de wind aantrekt tot kracht 4 of 5 bij temperaturen van -2 tot -5. Genoemde Genua-depressie gaat ons zaterdag vermoedelijk wat sneeuw brengen, opnieuw bij een krachtige noordoostenwind en temperaturen onder 0. Op nog langere termijn weet de winter van geen wijken; de vorst zal iets afnemen maar niet verdwijnen. Als er niet te veel sneeuw bij komt gaan de schaatscondities er dus op vooruit. Mogelijk kan er volgende week ook in het westen op grote schaal geschaatst worden.
Even terug naar de hype: VVD-kamerlid Helma Neppérus ziet in het koude weer in Europa aanleiding om kamervragen te stellen over de opwarming van het klimaat: er zou nu maar eens een onafhankelijk onderzoek moeten komen naar de opwarming. Alsof er de laatste 100 jaar geen onafhankelijk klimaatonderzoek geweest is! Laat ik op deze plaats maar eens zeggen wat ik daar van denk: onbenullig en een kamerlid onwaardig. Iedereen die zich op de hoogte stelt van de feiten en de verwachtingen weet, dat ook in een opgewarmd klimaat uitschieters mogelijk zijn. Die uitschieters hebben bij ons te maken met een hardnekkig winters circulatiepatroon, dat eens in de zo veel jaar optreedt. Ook in het opgewarmde klimaat zijn elfstedentochten mogelijk. En een elfstedentocht is niet eens in zicht! Vragenstelster wekt de indruk dat zij het gras voor de voeten van de PVV probeert weg te maaien, want die partij deed al eerder van zich spreken met idiote kamervragen over het klimaat.
Wintergegevens betreffen, tenzij anders vermeld, De Bilt
Bron:KNMI
(5-1-2010)
IJsdikte
Het vuile karakter van de winter speelt ons parten. Plaatselijk is sinds zondag weer nieuwe sneeuw gevallen. In het westen ook natte sneeuw en gisterenavond ook ijzel. Een bijzonder verschijnsel: ijzel uit regenbuien. Normaal gesproken valt ijzel uit een frontale zone, waar warme lucht opglijdt tegen de koude vrieslucht. Het is dat ook vaak de voorbode van dooi. Omgekeerd kan het ook, zoals op grote schaal in de winter van 79 bleek, dat de ijzel voorafging aan de vorst. De huidige situatie is anders: van de Noordzee drijven buien binnen die soms van regen vergezeld gaan. De grond is echter nog zo koud, dat het water bevriest op de grond; als het dan vervolgens weer opklaart daalt de temperatuur weer en blijft het ijs liggen totdat de dooi de volgende dag er een eind aan maakt. Inmiddels dooit het hier in Rotterdam weer; met +2,1 om half drie is het iets zachter dan gisteren, toen we tot +o,6° kwamen.
In een groot deel van het land dooit het vanmiddag. Hier zien we een zwak moment in deze winter: de aangekondigde felle kou treuzelt. De vorst komt niet zo snel binnen als algemeen een paar dagen geleden werd verwacht. De kleine depressies in onze omgeving pompen iets zachtere lucht ons land in. Dat gaat niet met veel wind gepaard, waardoor de koude lucht zich op ongeveer 100 km van de kust nog wel weet te handhaven. Een lagedrukgebied over zuid Engeland, de Noordzee en Denemarken schuift heel langzaam naar het zuiden. De kern zal vermoedelijk geleidelijk Frankrijk intrekken en zich dan verplaatsen in de richting van de Middellandse Zee. Daardoor zal op donderdag met noordoostelijke wind weer koude lucht het land binnen stromen; daarbij is overdag lichte vorst te verwachten en in de nacht overwegend matige vorst. Op nog langere termijn lijkt de vorst weer iets af te nemen door draaiing van de wind naar NNO. De winter is daarmee nog niet van de baan.
Hoe ligt het ijs er bij? Steeds meer berichten komen binnen over schaatsen op buitenijs. Op de Nieuwkoopse Plassen wordt mondjesmaat geschaatst. Daar is vermoedelijk oud ijs plaatselijk aangegroeid tot voldoende dikte. Uit de Krimpenerwaard komen ook berichten van schaatsers, al heb ik ook een bericht ontvangen (gisteren) dat schaatsen op de Vlist nog onverantwoord is. Op het Henschootermeer wordt geschaatst. Meer naar het westen is de toestand slechter; de ijsbaan Vlietland in het Westland heeft 35 tot 55 mm ijs, terwijl dit toch een ondiep water is. In het hele Westland: slechte ijscondities. Bij Rotterdam zal de toestand nauwelijks beter zijn. Gezien de geringe koude van de afgelopen dagen kan nieuw ijs nooit dikker zijn dan een cm of 3. De dooi in onze omgeving is iets te sterk geweest. Hoe verder van de kust hoe beter. Hoe ondieper water, hoe beter. Hoe meer sneeuw, hoe slechter. In het algemeen kan gesteld worden voor het westen van het land: op dieper water is de toestand van het ijs nog bedenkelijk. De KNSB raadt ook sterk af om daar te gaan schaatsen.
Nog even iets over de vorst van de laatste weken. Voor De Bilt zie ik een koudegetal van 35,5, waarvan ongeveer 10 punten van het nieuwe jaar. Dat maakt duidelijk, dat nieuwe ijs niet dik genoeg zal zijn. Bij Rotterdam is het koudegetal 23,6 waarvan 5,6 punten van het nieuwe jaar. Het nieuwe ijs is hier dus nog erg dun. “Overjarig ijs” kan aanzienlijk dikker zijn, maar is iets minder sterk dan de dikte suggereert; dat vanwege de ingevroren sneeuwlaag. Hier en daar uit het land worden ijsdiktes van meer dan 10 cm gemeld. Het is dus erg uitkijken met het schaatsen, want de ijsdikte is van plaats tot plaats verschillend.
Als er weer eens een paar koude etmalen overheen gaan zal het nieuwe ijs op dikte komen. Voorwaarde is wel dat er niet opnieuw een dik pak sneeuw op valt. Ga je toch schaatsen voordat de nieuwe kou binnen is, kijk dan uit waar je rijdt en laat je ter plaatse voorlichten. Neem veiligheidsmaatregelen. Diep water in het westen van het land lijkt me op dit moment zeer af te raden. Zoals het er nu uit ziet zal de toestand daar vrijdag wel goed zijn. Voor Friesland, met name het noordwesten, lijkt me eenzelfde waarschuwing op zijn plaats.
(3-1-2010)
Winters
Opnieuw werd ons land verrast met meer sneeuw dan in de verwachting zat. Het noorden van het land kreeg gisteren 10 tot 15 cm verse sneeuw. Het deed een beetje denken aan de sneeuwval van 17 december; het verschil is, dat er in Zuid Holland nu heel weinig viel. Vanmiddag kwam ik in Brabant en trof daar een vers pak van 4 tot 6 cm aan. Het was schitterend, met de felle zon erboven. Om half drie zag ik in de buurt van Breda mistflarden zweven boven de velden en dat gaf een puur winterse indruk: de zon kreeg geen vat op de sneeuw en de atmosfeer gaf al weer aan dat er afkoeling moest volgen
Die afkoeling is inmiddels in volle gang. Kwam het in de afgelopen nacht en ochtend op plaatsen met veel sneeuw tot strenge vorst, vandaag daalde de temperatuur in Nieuw Beerta en Berkhout (NH) al voor 18 uur onde de -10. Op dit moment, 22 uur, zit de grootste kou met -14 in de buurt van Breda; in Zuid Holland liggen de temperaturen tussen -4 en -8.
Dat er in Zuid Holland weinig sneeuw is gevallen, is wel gunstig voor de ijsvorming; overal ligt nu ijs van een dikte die geschat kan worden op 2 tot 3 cm waar het ijs nieuw is. Oud ijs kan al dikker zijn en dat moeten we zoeken in ondieper water. Dat oude ijs is vaak sneeuwijs en men moet er rekening mee houden dat sneeuwijs iets minder sterk is
dan "gewoon" zwart ijs Als het een beetje mee zit komt er van maandag op dinsdag opnieuw 1,5 centimeter bij. Dat betekent dat we de 6 centimeter dan kunnen bereiken. Geen betrouwbaar ijs, maar wie durft en veiligheidsmaatregelen neemt, zou het kunnen proberen. (Zie ook de link veilig schaatsen).
De vooruizichten wijzen onveranderd op aanhoudend winterweer. De stroming wordt sterk bepaald door een hogedrukgebied bij Groenland. Koude poollucht is uitgestroomd over Scandinavie en heeft inmiddels ons land ook bereikt. De zeer koude lucht stroomt ook vanuit Noorwegen uit over de Noordzee; daarbij ontstaan gemakkelijk kleine of grotere sneeuwstoringen. Het gedrag daarvan laat zicht niet goed nauwkeurig voorspellen, zoals gisteren ook gebleken is. Vooral het westen en noordwesten van het land blijven gevoelig voor deze storingen. Van tijd tot tijd kunnen sneeuwbuien binnen drijven. De vorst zal daarbij getemperd worden.
Het ijs groeit intussen redelijk aan; als de vorst van vannacht doorgaat tot en met morgenochtend kan er ongeveer 2 centimer bij komen in Zuid Holland. Iets minder in het westen en iets meer in het oosten van de provincie. In Noord Holland is plaatselijk veel sneeuw gevallen, wat de ijsaangroei weer afremt. In Friesland lag gisteren de Morra, een meer in het zuidwesten, nog grotendeels open. Dat geeft aan dat een elfstedentocht nog ver weg is, mede door de overvloedige sneeuwval in die provincie.
Morgen krijgen we opnieuw een koude dag met lichte vorst in de middag. Alleen dicht bij de kust kan het 0-punt bereikt worden. De kans op een sneeuwbui blijft in het noorden en noordwesten aanwezig. Verdere vooruitzichten: aanhouden van het koude winterweer.
Bron temperauurgegevens: KNMI
(1-1-2010)
Complicaties
Laten we eerst maar eens vaststellen dat we een mooie winter beleven. Na een eerste vorstperiode met veel sneeuw in december kwamen we in een kwakkelperiode terecht. En nu klopt Thialf opnieuw nadrukkelijk op de deur, met uitzicht op serieuze vorst in de komende week. Op veel plaatsen zijn de sneeuwresten van 17 en 20 december nog niet verdwenen en in het noorden van het land ligt enkele centimeters nieuwe sneeuw van de afgelopen dagen. Ook hier in Rotterdam zijn nog hier en daar resten van sneeuwhopen terug te vinden, terwijl de temperatuur op dit moment met grote vaart naar beneden gaat.
Vorst in aantocht, schreef ik gisteren. Ik dacht achteraf dat ik iets te voorzichtig was geweest met mijn verwachtingen. Edoch, later kwam er een nieuwe EPS-pluim en een nieuwe verwachting van het KNMI met iets minder vorst dan in eerdere verwachtingen. We zien maar weer hoe weinig men op de modellen kan vertrouwen, zelfs op de termijn van 5 dagen. Intussen is er al weer een nieuwe modelrun die weer iets meer vorst aangeeft op dinsdag. Het lijkt een beetje verwarrend, die wisselende berichten. Nog steeds is echter de verwachting dat de kou zich in onze omgeving vrij lange tijd zal weten te handhaven, op welke wijze dan ook.
Vandaag is met een noordelijke stroming drogere en iets koudere lucht binnen gekomen. Het klaarde in het hele land op met als gevolg dat voor 18 uur plaatselijk al matige vorst werd gemeten. Op het moment dat ik dit schrijf, om 21.15 uur, zie ik bij het KNMI temperaturen die variëren van -0,5 in Zeeland via omstreeks -5 in een groot deel van Zuid Holland tot -8 in Drenthe. De koude Scandinavische lucht is ook uitgestroomd over de Noordzee. Daar ontwikkelt zich nu een kleine storing met sneeuw, die in de richting van ons land koerst. In het noordoosten van het land zal deze storing morgen sneeuw brengen; in het zuidwesten is er kans op natte sneeuw en regen als tijdelijk weer iets zachtere lucht vanuit het westen wordt aangevoerd. Na passeren van de storing komt zondag de koude vrieslucht het hele land binnen. In deze lucht kan het ’s nachts 4 tot 10 graden vriezen; het koudst in het oosten van het land waar boven het sneeuwdek strenge vorst mogelijk is. Dinsdag komt een nieuwe storing ons land vanuit het noorden bezoeken. Hoe dit precies in zijn werk zal gaan is een onzekerheid in de verwachting. Vrij zeker is, dat Thialf zich niet één, twee, drie zal laten verjagen.
Gisteren kwam de ijspluim van het KNMI ter sprake. Ik laat deze ijsverwachting voorlopig buiten beschouwing, omdat kennelijk gewerkt wordt met virtueel ijs; dat wil zeggen dat zelfs het aangegeven ijs van vandaag, te weten 7,5 cm, gebaseerd is op eerdere computerberekeningen. Elders zijn wel ijsverwachtingen te vinden, zoals op de site winterplaza.nl. Vandaag hebben ik een aantal berichten over het ijs binnen gekregen en heb zelf gekeken hoe de Rotte bij Rotterdam er bij staat. Hier volgen een paar gegevens die ik vanmiddag verzameld heb.
Westland: IJsclub Vlietlanden heeft 2 tot 47 mm ijs. Dat is een stuk ondiep water en daar ligt dus nog oud ijs. Grote vaarten liggen nog open.
Rotte: net ten noorden van de stad lag de Rotte geheel open. De Bergse plassen, ondieper dan de Rotte, waren voor 80% met ijs bedekt.
Alblasserwaard: In de polderslootjes lag oud ijs. De boezem bij Kinderdijk lag nog open en begon aan het eind
van de middag dicht te vriezen. De Alblas vriest, voor zover daar geen oud ijs meer ligt, ook vanavond dicht.
Ankeveense Plassen: Daar is vandaag weer geschaatst op oud ijs. De diepte is daar kennelijk niet groot. Ik
vermoed ook dat het ijs daar niet dik is.
Noord Holland: In de buurt van van Assendelft ligt oud sneeuwijs van 4 tot 5 centimeter. Meer naar het
noorden, in de richting van Uitgeest en Castricum ligt er nog veel open.
Friesland : Is mij weinig van bekend. Wel bereikte mij via het forum Weerwoord het bericht dat de Oudvaart bij Sneek dicht ligt. Verder zal de situatie in Friesland weinig verschillen van die in Holland: weinig ijs dichtbij zee en enkele centimeters oud ijs landinwaarts. Mogelijk gaat hier nieuwe sneeuw voor problemen zorgen.
Intussen is het vanavond bij weinig wind zo koud geworden, dat we rustig kunnen stellen dat alle genoemde open water vanavond nog dicht vriest. We hebben dus een mooi startpunt voor de schatting van de dikte van nieuw ijs en kunnen daar in het vervolg rekening mee houden. Laten we hopen dat er de komende dagen niet al te veel sneeuw valt, zodat het ijs lekker kan aangroeien de komende dagen.
Hoe hard gaat het nieuwe ijs groeien de komende dagen? Dat is moeilijk precies te zeggen omdat de verwachtingen onzeker zijn. Vannacht zal er op veel plaatsen wel 2 cm nieuw ijs ontstaan. Morgen zal dat in het zuidwesten van het land een klein beetje wegsmelten. Meer naar het oosten is er kans dat er een nieuwe laag sneeuw op het ijs valt. Zondag en maandag worden koude dagen, waarin het ijs met een centimeter of 4 tot 6 kan aangroeien. Dat alles afhankelijk van de ligging ten opzichte van de kust en eventueel gevallen sneeuw. Dinsdag is een onzekere dag, omdat mogelijk een nieuwe sneeuwstoring voor complicaties gaat zorgen. We wachten de ontwikkelingen eerst maar eens af en zullen gaan zien of en hoe Thialf deze complicaties naar zijn hand zal zetten. Ik heb er wel vertrouwen in.
Met dank aan allen die mij vandaag bericht hebben over de ijstoestand.
(31-12-2009)
Vorst in aantocht
Het is mooi om op zo lange termijn deze uitspraak te kunnen doen. Ik durf dat nu verschillende modellen tot de slotsom komen dat de koude lucht terrein gaat winnen en voorlopig niet zal prijs geven. Voor de schaatsliefhebbers betekent dit dat de kans op schaatsen op het grote buitenijs in de loop van de volgende week heel waarschijnlijk is. Waar het precies wel en niet kan, is afhankelijk van de plaats en de voorgeschiedenis van het ijs ter plaatse. Ik heb de indruk dat er in het westen van Zuid Holland weinig ijs ligt. Ik zag de Bonervliet bij Maassluis open liggen vanmiddag. Waar nog oud ijs ligt, en daar is de kans naar het oosten toe groter op, zal het ijs iets eerder op dikte komen.
De ijspluim van het KNMI geeft op dit moment ongeveer 7,5 cm ijs aan. Ik vraag me werkelijk af wat ik daar mee moet. Ligt er werkelijk nog zoveel ijs in het midden van het land? Of gaat het model uit van eerder berekende ijsdikte? De ijsgrafiek van Weeronline in de krant gaf vanochtend veel minder ijs aan, iets in de buurt van 1 of 2 cm. De dikte zou volgens dit weerbureau op woensdag tot 7 cm zijn aangegroeid. De komende dagen ga ik gegevens verzamelen over de ijstoestand, zodat we een beter beeld krijgen. Voorlopig houd ik het op weinig ijs op dit moment en een dikte van 6 cm op dinsdag en 8 op woensdag. Details volgen binnenkort.
Nog steeds blijft een blokkade bij IJsland en Groenland de weerkaart beheersen. De komende dagen stijgt de luchtdruk iets boven Noorwegen terwijl een depressie het vasteland op trekt naar zuid Rusland. De zeer koude lucht boven Scandinavië komt daardoor in beweging en zal in de loop van het weekend ons land binnen gaan stromen. Hier en daar is nog wat sneeuw mogelijk; op zondagochtend is al plaatselijk matige vorst mogelijk en maandag blijft het de hele dag vriezen. De daarop volgende dagen blijft de vorst in ons land met maxima onder 0 en ’s nacht matige en plaatselijk strenge vorst. In gebieden waar veel sneeuw ligt kan het bij opklaringen tot omstreeks -15 komen. Het ziet er mooi uit: de kou komt langzaam binnen en zal vermoedelijk minstens een week blijven. Opmerkelijk is, dat er geen krachtig hogedrukgebied boven Scandinavië aanwezig is. De krachtige blokkade zorgt ervoor dat Europa langzaam in de greep van de kou komt. De vorst is in aantocht!
(30-12-2009)
IJstoestand
Steeds duidelijker tekent zich een vorstperiode af in het nieuwe jaar. Op dit moment ligt de scheidingslijn tussen zachte lucht in het zuiden en vrij koude lucht in het noorden boven ons land. De vorstgrens liep vanochtend van IJmuiden naar het noorden van Overijssel. In Zuid-Limburg ligt de temperatuur ver boven 0, in Groningen en Friesland vriest het een graad. Het is eigenlijk een klassieker, zo’n stilstaand front dat boven ons land komt te liggen; heeft geeft altijd aanleiding tot winterse neerslag. Die situatie komt gemiddeld eens in de 5 jaar voor. Meestal niet met spectaculair resultaat; soms, zoals in 1978, levert dat barre wintertaferelen op. Sommigen hebben al de vergelijking gemaakt met 29, 30 en 31 december 1978. Die situatie was echter van een heel andere orde; een grote hoeveelheid extreem koude lucht vloeide toen vanuit Noord-Rusland naar het westen. Er viel toen veel ijzel en sneeuw en plaatselijk daalde de temperatuur meer dan 15° in een etmaal toen het front van noord naar zuid over ons land trok. Zie ook het dagboek 1979.
Dat soort toestanden zijn op dit moment niet aan de orde. De grens tussen zachte en koude lucht schuift vandaag over ons land naar het zuiden. Daarbij wordt het geleidelijk kouder. Na zaterdag stroomt vanuit het noordoosten nog koudere lucht binnen en in het begin van de volgende week zal het ook over dag enkele graden vriezen. In de nachten kunnen we rekenen op matige en plaatselijk strenge vorst. Af en toe sneeuwval blijft de komende dagen mogelijk.
Het ijs, dat hier en daar in het westen bijna of geheel verdwenen is, zal snel gaan aangroeien. Voorlopig ziet het er naar uit dat er dinsdag of woensdag ook op het grotere buitenwater geschaatst kan worden. Het is op dit moment heel moeilijk om een goede indruk te krijgen van de ijstoestand. Deze zal van plaats tot plaats verschillen.
(27-12-2009)
De winter van 10
Een opvallende winterperiode hebben we achter de rug! Naast een portie kou kregen we te maken met uitzonderlijke sneeuwval. Niet alleen viel ook in het westen veel sneeuw, tot meer dan 20 cm in een paar dagen, de sneeuw kwam ook nog eens uit alle richtingen. Donderdag 17 december kwam een sneeuwgebied vanuit het noordnoordoosten over ons land; op vrijdag vanuit het oosten;zondag vanuit het noordwesten en westen; maandagochtend vanuit het zuidwesten en tenslotte maandagmiddag vanuit het zuiden. Dit alles als gevolg van het feit dat west Europa van verschillende zijden overspoeld was geraakt door koude poollucht.
Voor het schaatsen was de grote sneeuwval van zondag het eindpunt, althans voorlopig. Op zaterdag is hier en daar wel geschaatst; op deze site kwam een
melding binnen vanuit Kinderdijk. Een paar andere meldingen op de meldplaats voor schaatsijs verschenen op zaterdag 19 december; daarna werd het stil. Vanaf zondag is schaatsen feitelijk onmogelijk geworden en na de dooi van de kerstdagen lijkt het helemaal afgelopen. Of dat op langere termijn ook zo is, daar kom ik later in dit bulletin op terug.
De winter van 10 heeft zich voor de kerstdagen al gepresenteerd met kou en sneeuw, maar zonder stabiele koude-periode. Wel kreeg De Bilt een echte vorstperiode te pakken met 25 Hellmannpunten. De vorstperiode (dagen met gemiddelde temperatuur onder 0) duurde van 14 t/m 21 december en telde 5 ijsdagen en 1 dag met strenge vorst. Met die 25 Hellmannpunten zou je zeggen dat het voldoende natuurijs zou moeten opleveren; mijn model geeft zelfs 3 schaatsdagen aan. Dat is alles theorie, zoals ook de ijspluim van het KNMI, meet voordurend 7 of meer cm ijs, mij theorie toeschijnt. De praktijk is, dat het grote water vrij warm was voorafgaand aan de vorstperiode en dat de grote hoeveelheid sneeuw op het ijs negatief gewerkt hebben.
December staat nu op een gemiddelde van 2,4°C en dat is 1,7° lager dan normaal voor deze periode. Daarmee is december opnieuw te koud, want we mogen de laatste 5 dagen van december geen zacht weer verwachten. Uiteindelijk zal het uitkomen op ongeveer 2,2° en dat blijft dan 1,7 beneden normaal. Met de 26 Hellmannpunten die deze winter in De Bilt vergaarde hebben we inmiddels 25 zachtere winters achter ons gelaten; daarbij bevinden zich de winters van 1998, 2000, 2002, 2004, 2007 en 2008. De winter van 10 is echter zeker nog niet uitgesproken. De wijze waarop de poolkou Europa veroverde doet vermoeden dat deze winter tot meer in staat is. Intussen zijn er in verwachtingen voor de komende week duidelijke aanwijzingen, dat de strenge Russische kou aan een nieuwe opmars over Europa gaat beginnen. Het is opnieuw niet duidelijk hoe dit in Nederland voor winterweer gaat zorgen.
Alle weermodellen laten de komende week een krachtige hogedrukblokkade bij Groenland zien; bovendien tekenen alle modellen ook een hogedrukgebied in bij Nova Zembla in. Beide druksystemen lijken te gaan samenwerken en in de loop van de volgende week de Russische beer op transport te gaan zetten naar het westen. Opnieuw zien we vooral Scandinavië in de strenge kou komen. In hoeverre de kou west Europa in zijn greep krijgt is onzeker. Goede kansen voor een nieuwe vorstperiode zijn er zeker, en als alles mee zit wordt het dan ook kouder dan in de vorige vorstperiode. De EPS-pluim van het KNMI geeft daarvoor zelfs een goede kans te zien, met vanaf woensdag 30 december tot en met woensdag 6 januari een reeks ijsdagen, waarbij aan het eind van de periode de temperatuur ook overdag tussen -5 en -10 kan blijven. Er moet natuurlijk bij gezegd worden: op die termijn is de onzekerheid in de temperatuur nog groot. Kleine verschuivingen in de luchtdruksystemen kunnen grote gevolgen hebben.
Vandaag trekt een buiengebied over ons land. Het is de voorbode van het binnenkomen van iets koudere lucht vanaf de noordelijk oceaan.
Uit winters oogpunt heeft dit weinig tot niets om het lijf. Wel betekent het, dat de temperatuur de neiging heeft iets te dalen. Na maandag valt de aanlandige wind
weg op het naderen van een depressiegebied vanaf de oceaan. Dit lagedrukgebied zal zich geleidelijk uitbreiden naar zuid en midden Europa. Tegelijkertijd stijgt de
luchtdruk in de omgeving van IJsland en Groenland. Daardoor krijgt zachte oceaanlucht geen schijn van kans om bij ons door te dringen. Integendeel: de wind krimpt
naar zuidoost en gaat koudere lucht vanaf het vasteland aanvoeren. Intussen stroomt in noord Europa onder invloed van een hogedrukgebied in de poolstreken zeer
koude lucht binnen; daabij is het nu in grote delen van Scandinavië en Finland al zeer koud met op veel plaatsen ook overdag strenge vorst. Een ander lagedrukgebied, met
kernen voor de kust van Noorwegen en boven west Rusland, belemmert vooralsnog de doorstroom van zeer koude lucht naar west Europa. Bij ons wordt het enigszins
wisselvallig winterweer met vorst in de nacht en ochtend en kans op winterse neerslag. De jaarwisseling zal vrij koud verlopen met kans op wat winterse neerslag.
Mogelijk is het dan opnieuw wit.
De winter van 10! Wordt dit een winter met een mooie klank voor de schaatsliefhebbers? Of draait het opnieuw uit op een winterse kwakkelperiode met veel sneeuw en te weinig vorst? We zullen het spoedig weten. De kaarten liggen goed en we hopen op de beste oplossing. Als het mooiste scenario voor de komende week uit komt, staan we over een week op de schaats.
Gegevens betreffen, tenzij anders vermeld, De Bilt
Bron: KNMI
(20-12-2009)
Sneeuwspektakel
Opnieuw een dag om in te lijsten. Nee, niet voor de
schaatsers, want die hebben weinig hoop meer op schaatsen op korte termijn. Sneeuw, sneeuw en nog eens bakken met sneeuw.
Ik kan me zo’n overvloedige sneeuwval niet heugen, in ieder geval niet de laatste 30 of 40 jaar, zeker niet als je de
sneeuwdag van eergisteren er bij betrekt. Hier in Rotterdam viel vannacht enkele centimeters en van 10 tot 14 uur viel er
nog eens zo’n 10 cm bij. Het verkeer werd ontwricht en de straten veranderden in een sneeuwstrand; ouderwetse sneeuwpret
in een prachtige winterse sfeer.
Over ijs behoeven we voorlopig niet meer te dromen. Niet alleen ligt daar nu veel te veel sneeuw op, er is de
komende dagen ook sprake van kwakkelweer. Vandaag zagen we dat al, toen de temperatuur na een bitter koude dag van
gisteren, vanmiddag opliep tot boven het vriespunt. De komende dagen zal het kwik een beetje rond het vriespunt hangen met
af en toe sneeuw, lichte vorst in de nacht en over dag iets oplopende temperaturen.
Een witte kerst lijkt nu voor veel plaatsen in Nederland wel waarschijnlijk; de aanwezige sneeuwlaag zal bij
het kwakkelweer van de komende dagen niet
verdwijnen. Er komt zelfs weer wat sneeuw bij. Dat zal dan de eerste landelijk witte kerst kunnen worden sinds 1981.
Het moest er een keer van komen, want bij de opwarming van ons klimaat blijven grote afwijkingen van het gemiddelde
mogelijk.
(19-12-2009)
Diep winters
E
en dag om in te lijsten! Zoals verwacht ging het kwik de afgelopen nacht en ochtend onderuit naar waarden tussen -10 en -15. In de kustgebieden werd de -10 niet
gehaald, maar zelfs bij Hoek van Holland zag ik vanmorgen en temperatuur van ongeveer -7° C. In een deel van het land, met name op de Veluwe kwam het tot waarden van
ongeveer -18. Dat is niet alledaags! Vandaag bleef het bijzonder koud. Op de meeste plaatsen bleef de temperatuur onder de -5. Matige vorst in de middag, voorwaar ook geen alledaags verschijnsel. Vanmiddag om 15.20 uur zie ik op het kaatje van het KNMI in een deel van Gelderland en Noord Brabant temperaturen omstreeks -10. In Rotterdam vriest het nu 5 graden bij zuidwestenwind! Een opvallend verschijnsel, dat mij herinnert aan de zegswijze: in een strenge winter vriest het bij alle winden.
Door de aanwezige sneeuw en het mooie weer beleefden we een schitterende winterdag. Bij mij riep het herinneringen op aan 1963 en 1985, beide winters die zowel kwistig met sneeuw waren als met lage middagtemperaturen. Diep winters, zo zou ik dit willen noemen, als er een combinatie is van een sneeuwdek en zeer lage temperaturen. En dan te bedenken dat de winter nog maar een week oud is. Zegt dit iets over de rest van de winter? Ik denk het wel; het zou mij erg verbazen als de winter met kerst voorgoed de benen neemt.
Hoe deed Zuid-Holland het de afgelopen 24 uur? Gisteren bleef het kwik meest op -1 hangen en de afgelopen nacht en ochtend kwam matige tot strenge vorst voor, van -7 dicht bij zee
tot -13 in het uiterste oosten van de provincie. Rotterdam had een minimum van -8 of -9. De definitieve maxima zijn morgen bij het KNMI te vinden. In Zuid-Holland, met name het meer oostelijk gedeelte,
kan het ijs inmiddels flink aangegroeid zijn. Ook het westen doet redelijk mee, als we zien dat de ijsdikte op de ijsbaan in Schipluiden nu 4,5 tot 6 cm dik is. Dit is overigens sneeuwijs, wat betekent dat de
rijkwaliteit niet geweldig is. Het betreft ondiep wate, waar het ijs al vrij snel op dikte komt. Op dieper water zal nog geen sprake zijn van voldoende dik ijs; tenminste niet in het Westland. In de
Alblasserwaard zal de toestand beter zijn. Het is best mogelijk dat er hier en daar geschaatst is op het buitenwater. De dikte en kwaliteit lijken me daar wisselend. De ijspluim van het KNMI geeft
trouwens voor vandaag ongeveer 5 cm ijs aan. Dat laat al zien dat we nog niet op een betrouwbare dikte mogen rekenen. Wel een melding op deze site is binnengekomen over de Ankeveense plassen.
Ik veronderstel dat de diepte daar niet zo groot is en de ijsdikte inmiddels 5 tot 6 cm. Zie ook de meldplaats van schaatsijs op deze site.
Het ziet er helaas naar uit dat we morgen met ander weer te maken krijgen; voor het hele land in ieder geval sneeuw en morgen hogere temperaturen. Voor de kustgebieden (hoe ver zouden die morgen reiken?) is er zelfs een goede kans op dooi en regen. Van schaatsen is morgen dus zeker in het westen geen sprake meer. Als het tegen zit krijgen we een nieuwe paplaag op het ijs. Als het mee zit alleen stuifsneeuw. Na zondag lijkt het kwakkelweer aan te houden. Misschien is het maandag iets kouder dan zondag met een naar zuid draaiende wind. Afwachten maar,want zo’n sneeuwsituatie is op 24 uur van te voren nog niet precies te voorspellen. Een kleine verandering in de drukontwikkeling op de Noordzee en het kanaal kan bij ons het verschil maken tussen regen en sneeuw.
Wat de situatie op langere termijn betreft, lijkt de geblokkeerde situatie, met een zuidelijk lopende straalstroom, zich ook tijdens de kerstdagen te handhaven. De winter zal tijdens kerst in ieder geval wel in de wachtkamer komen, als de temperatuur iets gaat oplopen door aanvoer van zachtere lucht uit het zuidwesten, maar nog niet direct ver weg zijn. De komende dagen blijft het kwakkelen met kans op af en toe sneeuw of natte sneeuw. Op plaatsen waar veel sneeuw ligt, zal het sneeuwdek zich hoogst waarschijnlijk tijden de kerstdagen kunnen handhaven. Dat zal dus regionaal een witte kerst worden, een beetje vergelijkbaar met kerst 1981, toen in een groot deel van het land een dikke laag sneeuw bleef liggen bij temperaturen iets boven 0.
Deze winter is een week oud en lijkt morgen opnieuw opvallend uit de bus te gaan komen. Bij een aantrekkende zuidenwind gaat het vannacht in het westen sneeuwen. Daarbij gaat de sneeuw gaan stuiven en morgenochtend overlast veroorzaken. De sneeuw zet door en zal in een groot deel van het land droog zijn bij temperaturen onder 0. Voor het westen is de vraag wat het wordt: veel, sneeuw of een natte boel? Dat laatste lijkt me vooralsnog de beste papieren te hebben. Maandag gaat bij krimpende wind de temperatuur weer iets omlaag. Dit doordat op het vasteland overal koude lucht aanwezig is. Na maandag moeten we rekenen op kwakkelig winterweer met slechts weinig vorst. Maandag weten we meer.
Weergegevens betreffen, tenzij anders vermeld, De Bilt
Bron: KNMI
(18-12-2009)
Sneeuw
Er is goed en slecht nieuws. Het goede nieuws is: er ligt sneeuw en dat versterkt de winter. Het slechte nieuws is: er ligt sneeuw, plaatselijk veel en dat tast de kwaliteit van het ijs aan. De aangekondigde sneeuw pakte voor een deel van het land extreem zwaar uit. Een kleine storing trok langzaam over het westen van ons land naar het zuiden. Een sneeuwgebied bleef daardoor boven het noorden van het land lang hangen en daar viel 20 tot 50 cm sneeuw. In de middag kwam het sneeuwgebied in beweging en trok in betekenis afnemend naar het zuidwesten. In het midden van het land ligt gemiddeld zo’n 4 tot 7 cm, in Limburg, het westen van Zeeland en een deel van de achterhoek en Twenthe ligt minder dan 1 cm. Vandaag is weer koudere lucht over ons land uitgestroomd. Het levert een schitterende wintersfeer op. Na wat lichte sneeuwval klaart het vannacht op en dan kunnen we rekenen op een nacht met strenge vorst op veel plaatsen.
Het slechte nieuws: tijdens de sneeuwdag is op veel plaatsen de ijsdikte afgenomen. Zo meldde gisteren de Ankeveense Plassen 2,5 cm terwijl het
woensdag al 3 cm was geweest. In Nijelamer (Fr.) is een natuurijswedstrijd afgelast omdat het ijs door de sneeuw onberijdbaar was geworden. De sneeuw die nu op
het ijs ligt zal op veel plaatsen de gladde ijsvloer hebben veranderd in sneeuwijs; de kwaliteit kan van plaats tot plaats verschillen. Waar een mooie witte laag op het ijs ligt zal de ijsaangroei vertraagd worden. De ijspluim van het KNMI geeft vanaf zondag een ijsdikte aan van ongeveer 7 cm. De pluim geeft nog enige onzekerheid. Gevoegd bij de van plaats tot plaats verschillende sneeuwdiktes kunnen we moeilijk één conclusie voor de ijsdikte trekken die voor een groot gebied geldt. Voor Friesland lijkt me de toestand vanwege de dikke laag sneeuw slecht. Hetzelfde geldt voor de kop van Noord-Holland. In Zuid Holland ziet het er wat sneeuw betreft op dit moment het beste uit in het westen. In meer oostelijk gelegen gebieden ligt plaatselijk 6 tot 7 cm sneeuw. Dat kan een probleem voor het ijs vormen. Voor Zuid-Holland lijkt me de situatie op zondag niet onverdeeld gunstig en ik zou van de verwachte ijsdikte van het KNMI een cm minder verwachten; weliswaar heeft het westen van de provincie iets minder sneeuw, maar daar liggen de temperaturen gemiddeld ook iets hoger. Ook daar moeten we op minder ijs rekenen dan het KNMI voor het midden van het land aangeeft.
Het goede nieuws: er is een pak sneeuw gevallen. Dit heeft tot gevolg dat de vorst bij opklaringen verscherpt. Komende nacht wordt in het midden en
oosten van het land strenge vorst verwacht. Zelfs is hier en daar een temperatuur van beneden -15 mogelijk. Dan moet alles mee zitten; boven een pak sneeuw van
15 cm of meer gaat de temperatuur bij weinig wind en een brede opklaring gemakkelijk 10° omlaag in twee tot drie uur. De beperkende factor zal de vochtigheid
van de lucht kunnen zijn. Is de vochtigheid te groot, dan gaat de rem er op zodra het dauwpunt is bereikt. Bovendien is er dan kans op mist. In Zuid-Holland kunnen
we rekenen op minima tussen -6 aan de kust tot -12 in het oosten van de provincie. Morgen lijkt een ouderwets koude winterdag te worden met een
maximumtemperatuur rond -5. Het KNMI houdt rekening met mist die plaatselijk blijft hangen; in dat geval kan op een enkele plaats de temperatuur overdag bij -10
blijven hangen. Dat kan gebeuren op plaatsen waar sneeuw ligt en die voldoende ver van de kust liggen. In de loop van de dag trekt de wind iets aan uit zuid tot zuidwest.
Dit is de voorbode van een nieuwe storing die zondag sneeuw gaat brengen. In een kuststrook kan de sneeuw nat zijn. Ook hier geldt: sneeuw is pas op een termijn van
24 uur redelijk goed te voorspellen. Details in de ontwikkeling van de storing kunnen voor ons verschil maken in soort en hoeveelheid neerslag.
De algemene situatie in Europa is er één van een opvallend winters type. Een krachtig hogedrukgebied ligt over IJsland en het zuiden van Groenland. Aanvoer van zachte lucht vanaf de oceaan krijgt op dit moment geen enkele kans en het laat zich aanzien dat die situatie nog minstens een week voort duurt. De kou kan zich daardoor in een groot deel van Europa handhaven. Stabiel winterweer is er bij ons niet, doordat er geen krachtig hogedrukgebied boven Noord Europa ligt. Aan de flank van het Groenlandse hogedrukgebied kunnen zich wel koude depressies vormen. Daarmee ligt bij ons een wisselvallig winters weertype voor de hand. Koude en minder koude lucht wisselen elkaar in onze omgeving af. Tussen twee storingen in krijgen we de komende 24 uur rustig weer met opklaringen. Aangezien we ons in van oorsprong zeer koude lucht bevinden, zal het de komende 24 uur hard vriezen.
Een nieuwe depressie, die nu nog bij Spitsbergen ligt, trekt in de komende 48 naar het zuiden. De kern zal vermoedelijk zondag aankomen tussen Schotland en Noorwegen. Deze depressie voert over zee minder koude lucht aan. Op het grensvak van de zeer koude continentale lucht en de minder koude lucht zal een gebied ontstaan met sneeuw en natte sneeuw. Als dit gebied vanuit het westen het land op trekt gaat de neerslag over in droge sneeuw. Als de wind aflandig blijft zal de aangevoerde lucht koud blijven en zal al niet ver van de kust droge sneeuw vallen. Intussen trekt van de oceaan een ander depressie in de richting van de Golf van Biskaje. Beide systemen vormen dan samen een groot lagedrukgebied. Daarbij kan de wind opnieuw aflandig worden en koude lucht blijven aanvoeren. Het algemene beeld is in ieder geval wisselvallig. Dat betekent dat er voor kerst geen kans is op stabiel winterweer. De kans dat er tijden de kerstdagen zachter lucht binnen dringt is reëel.
In De Bilt staat deze winter nu op 9,8 Hellmannpunten. Daarmee laten we nu al 5 zachte winters achter ons. In de komende week zullen we gauw een punt of 12 gaan pakken waarmee we nog eens 15 plaatsen opschuiven. Na een zeer zachte herfst doet december zijn best om tot een koude maand uit te groeien. De eerste 11 dagen van december waren nog zacht; daarna is dat gecompenseerd en zo komen we na de dag van gisteren uit op een gemiddelde van 4,2° C; dat in ongeveer normaal voor de eerste 17 dagen van december. Het maandgemiddelde zou gemakkelijk op ongeveer 2° of lager kunnen uitkomen. Dan wordt het de derde december op rij die te koud is. In december 2007 beleefden we ongeveer een week vorst en het gemiddelde was met 3,8 slechts 0,1 onder normaal. In december 2008 schreven we een gemiddelde van 2,4. Mogelijk scoort december 2009 dus nog lager.
De winter is voorlopig niet uit Europa verdreven. Sommige modellen zinspelen al weer op ontwikkeling van een hogedrukgebied in de poolzee,
waardoor de Siberisch lucht weer gaat opdringen. Of dit gaat gebeuren valt uiteraard nog te bezien. Een verzachting rond de kerstdagen is in ieder geval geen
doodsteek voor de winter in z’n geheel. De wijze waarop het winterweer zich in deze decemberweken weet te handhaven geeft wel enig vertrouwen in het
verdere verloop. Op korte termijn heb ik niet zo veel vertrouwen in de schaatskansen, met name door de wisselvalligheid en de sneeuwlaag die er nu al ligt.
De winter is echter nog jong en krijgt nog alle kans zich verder te ontwikkelen.
Weergegevens betreffen, tenzij anders vermeld, De Bilt
Bron: KNMI
(16-12-2009)
Schaatsen?
De vooruitzichten voor schaatsen zijn onveranderd: er zal ijs liggen aan
het eind van de week, maar het is zeer de vraag of het op het grote water ook dik genoeg is. Met name in het uiterste westen en noordwesten zijn de vooruitzichten
niet onverdeeld gunstig. Het KNMI geeft op basis van de verwachtingen van gisteren een ijspluim die ook in het komende weekend niet meer dan 5 tot 6 cm ijs oplevert.
Daarbij moet worden aangetekend dat er nog onzekerheid is in het ensemble. Ongeveer de helft van de leden gaat voor meer ijs en een helft voor minder ijs.
Op langere termijn zijn de vooruitzichten nog onzekerder. Intussen zal er op ondiep water in het weekend wel geschaatst worden. Voor het grote water geldt voorlopig:
absoluut onbetrouwbaar. De genoemde 5 tot 6 cm geldt voor het midden van het land; in het oosten meer ijs en in het westen minder. Op de site van IJsclub
Vlietland (zie de link onderaan deze pagina) is te lezen hoe dik het ijs daar is.
Vandaag dooit het in het westelijk kustgebied; de dooigrens liep om 12.30 van het Lauwersmeer in zuidzuidwestelijke richting over Utrecht en Dordrecht naar Zeeuws Vlaanderen. Een stroring met sneeuw, natte sneeuw en mogelijk wat regen in de kustgebieden breidt zich langzaam over ons land uit. Morgen kan er in het hele land sneeuw vallen. Daarna draait de wind naar noordoost en voert opnieuw koude lucht aan. In het weekend gaat de temperatuur weer iets omhoog en zo kwakkelt deze winter verder. Als het mee zit groeit het ijs na het weekend nog iets aan. Laten we daarop hopen.
(15-12-2009)
Schaatsen
Er is geschaatst op natuurijs in Friesland. Ja, we zullen weten dat Friesland weer voorop loopt als het om schaatsen gaat. De schande van vorig jaar, toen er overal op uitgebreide schaal werd geschaatst behalve in Friesland, dient snel te worden uitgewist. Dat eerste schaatsen in Friesland gaat altijd om ondiepe plasjes. Daar is de ijsvorming zondag misschien al begonnen. De dikte zal in de buurt van de 4 cm kunnen liggen. Intussen zijn overal de sloten en ander ondiep water dichtgevroren. Op het grote water ligt vermoedelijk nog praktisch geen ijs. De ijspluim van het KNMI laat zien dat op water van 2 meter diepte de ijsvorming vermoedelijk de komende nacht gaat beginnen. Dat betekent dat we voor de ijsdikte kunnen gaan schatten aan de hand van het Koudegetal van Hellmann vanaf woensdag. Het KNMI doet dit natuurlijk zelf in de ijspluim, maar deze loopt altijd iets achter. Zo zien we vanavond nog een pluim op basis van de berekeningen van gisterenmiddag. Als zal daarom een poging doen om de ijsvorming te schatten op basis van de verwachtingen.
Nemen we de verwachting van het KNMI voor de komende dagen dan schat ik de volgende ontwikkeling van het koudegetal vanaf woensdag: woensdag 3,5; donderdag 5,5; vrijdag 9,5; zaterdag 13; zondag 15. Op basis van deze schatting zou er maandag geschaatst kunne worden op nog niet echt betrouwbaar ijs. Ik zie de waaghalzen dan zondag al schaatsen. Let wel, het gaat hier om het grote water, de vaarten en grote plassen. Op kleiner water, zoals poldersloten kunnen we de koudegetallen van De Bilt over maandag en dinsdag erbij rekenen. Ik kom dan op een schatting van K=15 op vrijdagochtend; dat moet genoeg zijn om te schaatsen op de poldersloten. Dit alles geldt voor De Bilt. Voor Rotterdam gelden in deze situatie getallen die slechts weinig lager liggen. Als we geluk hebben zal het hooguit een punt schelen. Komt woensdag of zaterdag de dooi met wat wind binnen, dan ziet het er slecht uit. De Alblasserwaard ligt iets meer naar het oosten en is qua ijsvorming doorgaans net iets gunstiger dan Rotterdam. We zullen morgen zien of we deze verwachting nog moeten bijstellen.
Morgen komt een kleine depressie langs ons land. Vermoedelijk trekt de kern langs onze kust of over de Noordzee van NO naar ZW. Een tegendraadse koers! Dat is nu weer typisch iets voor een koude winter: dpressies komen van de koude kant. Deze depressie brengt ons wat sneeuw, die in de kuststrook nat zal zijn en misschien vermengd met regen. Na het passeren draait de wind naar noordoost en komt opnieuw koude lucht binnen. Vooral vrijdag wordt het erg koud met maxima die uiteenlopen van 0 op de wadden tot omstreeks -4 in het zuidoosten. In de nacht komt het bijna overal weer tot matige vorst met minima die in het oosten plaatselijk tot -8 kunnen komen. De vooruitzichten daarna zijn wat onzeker, maar de winter neemt de komende week nog geen afscheid. In hoeverre het kwakkelig wordt of toch nog mooi koud zullen we zien. Morgen een nieuw bericht.
(14-12-2009)
Matige vorst
De eerste matige vorst is de afgelopen nacht en ochtend gemeld. Een greep uit de minima tussen 19 uur zondag en 7 uur maandag: Eelde -6,0 , Leeuwarden -5,3 , Woensdrecht en Maastricht -5,4. De Bilt krijgt de matige vorst vrij zeker de komende nacht. Die matige vorst zal de komende nacht in een groot deel van het land voor komen. Het gaat hierbij om stralingsvorst in van oorsprong vrij koude continentale lucht. Het buitenwater kan daarbij verder afkoelen, zodat op het grotere water de ijsvorming in de loop van de week kan beginnen.
Gisteren is het eerste ijs op slootjes en plasjes al gespot. Er is echte een zachte voorgeschiedenis geweest van deze vorstperiode, die er voor zorgt dat er niet direct ijs ontstaat op groter en dieper water. De ijspluim van het KNMI komt met een watertemperatuur vandaag van omstreeks 3 à 4 graden. Dat betekent dat, bij de huidige ietwat kwakkelende koudeperiode, de vooruitzichten voor schaatsijs op korte termijn niet gunstig zijn. Afgelopen vrijdag sprak ik van een minieme kans op schaatsijs deze week. Die verwachting heb ik zo gesteld op basis van de op dat moment bekende gegevens van het KNMI. De volgende dag zat er veel meer ijs in de verwachting, tot 8 cm tegen het weekend. Daar heb ik toen niet op gereageerd om twee redenen: tijdgebrek en de onzekerheid die de zwabberende modellen bieden. Inmiddels is de ijsverwachting van het KNMI al weer naar beneden bijgesteld. Op basis van de EPS-pluim van gisteren zien we nu een ijspluim die pover 9 dagen bij een centimeter of 5 ijs brengt. Weinig, om niet te zeggen : van geen belang. Morgen zien we verder
Dit decemberwintertje lijkt ondanks alles toch hardnekkig. Woensdag zal ons een kleine storing vanuit het noorden passeren. Dit kan met wat sneeuw gepaard gaan (in de kustgebieden natte sneeuw of regen). Daarna gaat de temperatuur weer iets omlaag. Vrijdag wordt dan waarschijnlijk een ijsdag, met volgens het KNMI minima tussen -4 en -9. Daardoor zal op donderdag en vrijdag de eerste serieuze ijsaangroei plaats vinden. Na vrijdag heeft de temperatuur weer de neiging om iets op te lopen. Het is winter, de kou is er. Standvastige kou lijkt nog even te veel gevraagd voor deze periode. Daarbij zal de blokkade op de oceaan nog zeker een week zijn stempel op de circulatie blijven drukken. De kansen op winterse neerslag blijven en het gekwakkel is nog niet van de baan.
(11-12-2009)
Historische dag?
Het zou vandaag een historische dag kunnen zijn omdat er een einde komt aan een lange periode met zacht tot zeer zacht weer, waar mogelijk een langere periode op volgt met winterweer. De verwachtingen zijn hier en daar hoog gespannen. Of het inderdaad zo’n historisch moment zal zijn is op dit moment natuurlijk niet te zeggen. De lange periode met zacht weer was echter wel opvallend en zou menig winterliefhebber de moed hebben kunnen ontnemen. Nu er winters weer in aantocht is gaan veel weeramateurs dagelijks vele malen naar de computer om de laatste prognoses te vernemen. Dat de opwinding toeslaat mag duidelijk zijn, want er zijn al meerdaagse computerverwachtingen geweest die het hart van de winterliefhebber sneller deden kloppen.
Ook het weerbureau Weeronline liet zich woensdag al in krachtige bewoordingen uit: het zou midden volgende week bitter koud worden met een snijdende oostenwind, waarbij de middagtemperatuur het vriespunt niet meer zou benaderen. Vandaag moest dit al worden bijgesteld naar: waarschijnlijk duurt het winterweer volgende week voort. En dat alles op een moment dat er geen winterweer in ons land te bespeuren is; integendeel, tot en met vandaag is het zacht weer. De uitspraken over bitter koud winterweer waren voorbarig, omdat er op een termijn van 7 dagen nog te veel onzekerheden zijn. Dat geldt in het bijzonder in geblokkeerde situaties, zoals er nu één aan zit te komen.
Wat wel een constante is in de computerverwachtingen is het ontstaan van een blokkade op de noordelijk
Atlantische oceaan. Interessant daarbij is de splitsing van de poolwervel. Dat is een op grotere hoogte goed ontwikkeld
lagedrukgebied dat mede oorzaak is van westcirculatie op onze breedte. In het centrale deel van het poolgebied is de druk
nu relatief hoog. Lagedrukgebieden bevinden zich boven Canada en west-Siberië. Het op de atlantische oceaan ontstane
hogedrukgebied zoekt nu, met redelijk succes, verbinding met het poolhoog. Het gevolg van deze ontwikkeling is voor de
winter in Europa van grote invloed: de Siberische kou gaat zich westwaarts bewegen en zal vooral oost-Europa, Finland en Scandinavië overspoelen.
Er is een probleempje: details in de ontwikkeling kunnen van grote invloed zijn op het weer bij ons. De modellen hebben moeite om deze details goed te beschrijven. Daardoor verschilde de uitvoer van de verschillende
modellen de laatste tijd nogal en bovendien waren de verwachtingen soms van dag tot dag behoorlijk verschillend.
Kortom: veel onzekerheid voor de midden-lange termijn. Inmiddels is er iets meer zekerheid voor het weer in het
midden van de volgende week. Een depressie trekt over Scandinavië naar Rusland. Daarachter zal volgens vrijwel alle
modellen de koude Siberische lucht verder naar het zuidwesten uitstromen. Na de eerste golf van koude lucht in het
weekend krijgen we in het midden van de week vermoedelijk te maken met een paar ijsdagen als gevolg van genoemde tweede
golf koude lucht. Wat er daarna gebeurt is onzeker, maar veel hoop op continuering van de kou heb ik niet. Intussen
groeien ook de sneeuwkansen. In en na het weekend kan er hier en daar wat sneeuw of natte sneeuw vallen.
Is er enige kans op schaatsijs? Zoals het er nu uitziet lijkt me die kans klein. Aan het eind van volgende
week kan er wat ijs liggen, maar voor schaatsen lijkt het vooralsnog onvoldoende. Op basis van de ijspluim van het KNMI,
berekend uit de EPS-pluim van gisteren 12 uur, is die kans miniem te noemen. Ook op basis van de Amerikaanse
verwachting (GFS) kan ik er geen schaatsijs van maken. We wachten de ontwikkelingen af.
(9-12-2009)
Kou op komst?
E
ven een kort bericht, want ik heb weinig tijd op dit moment. Wie de winterverwachting heeft gelezen, weet dat ik voor december nog geen koudeperiode met schaatsijs verwacht. Intussen wordt het spannend in de volgende week. Steeds meer oplossingen van de weermodellen komen aan met een zeer koude stroming uit het oosten of noordoosten. De zeer koude lucht zal op dat moment zeker over een groot deel van oost-Europa en Scandinavie zijn uitgevloeid. Hoe ver de kou komt is nog steeds de vraag, want de termijn van 6 dagen is vrij lang wat dit betreft.
Voor de winterliefhebber breken interessante tijden aan. De kou is zeker in opmars in Europa, maar het hangt van details af wat wij er van mee krijgen en op welke wijze: droog of met veel neerslag. Eenstemmigheid bij de modeluitvoer is er nog niet, maar de laatste dagen lijken de kansen op echte kou te stijgen. Ik kom zo spoedig mogelijk met een volgend bericht om dieper op de situatie in te gaan.
(6-12-2009)
Het spel kan beginnen
Het was stil op deze pagina sinds 26 oktober. Dat had alles te maken
met het uitzichtloze natte en zachte weer van de afgelopen weken. Na een iets te zachte oktober beleefden we de op één na zachtste november sinds 1901.
Recordhouder is november 1994 met een gemiddelde voor de Bilt van 10,2° C. Deze november moest het doen met 9,5° terwijl de normaal van 1971-2000 op 6,2° ligt.
Ruim 3 graden te zacht. Daarmee leek november 2009 eerder op een doorsnee oktober dan op een doorsnee november.
Zie ook het novemberoverzicht van het KNMI.
In de winterverwachting ga ik verder in op zachte novembermaanden en het mogelijke verband met de winter.
Door al dit zachte weer, gepaard gaand met weinig uitzicht op winterweer, was er bij mij weinig animo om een bulletin te schrijven. Nu vrijwel alle modellen op een termijn van een dag of zeven veranderingen suggereren in winterse richting wordt het tijd om uitgebreid op de situatie in te gaan. Want, het spel kan beginnen. Dat spel behelst in de eerste plaats drukstijgingen in het hoge noorden, vooral in de driehoek Groenland-Scandinavië-Nova Zembla. Op welke termijn dit bij ons voor koud weer gaat zorgen is nog niet helemaal duidelijk. De EPS-pluim van het KNMI geeft vrij veel onzekerheid op die termijn, maar laat de temperaturen volgens de oper (operationele run) wel richting het vriespunt gaan in het volgende weekend.
Betekent dit nu dat we in de week van 14 december al met vrieskou te maken krijgen? Ik denk het niet, gezien de tijd van het jaar en de onzekerheid in de verwachtingen. Hoe het zich wel gaat ontwikkelen valt nu niet te zeggen, maar ook daar ga ik in de winterverwachting dieper op in. Op dit moment trekt er een hogedrukgebied over Rusland naar het zuidoosten; koude lucht aan de oostzijde daarvan kan west- en midden-Europa niet bereiken. Je zou verwachten dat aan de westzijde de depressies in onze omgeving het heft in handen nemen. Maar dat is juist het spel dat nu gespeeld wordt: een oceaandepressie blijft tussen IJsland en Groenland liggen en de luchtdruk gaat stijgen boven Scandinavië en in het hoge noorden tussen Groenland en Nova Zembla. Kortom: een winterse blokkade is in de maak.
Krijgen wij winterplezier van deze blokkade? Voorlopig moeten we het doen met temperaturen die licht winters zijn (door Erwin Krol “echt winter”genoemd). De blokkade kan op termijn wel een groot deel van Europa in de winter brengen. In eerste instantie zal het in Rusland kouder worden. Op langere termijn is het waarschijnlijk dat siberische kou richting noord-Rusland en Scandinavië gaat stromen. Het gaat hier om de termijn van 10 dagen en dat is al erg ver weg. Voor Nederland zal het naar mijn inschatting nog geen echt winterweer opleveren en mogelijk moeten we daar nog aanzienlijk langer op wachten.
In dit verband is het wel aardig om eens te kijken naar 1986-87. Toen vonden dergelijke ontwikkelingen plaats omstreeks 12 december. Geleidelijk drong zeer koude lucht op naar Scandinavië en Rusland. Kort voor kerst kwam koude lucht met noordelijke winden in ons land terecht. Geen diepvrieskou maar wel genoeg om van winters weer te kunnen spreken. Een deel van het land kreeg zelfs tijdens de kerstdagen een pak sneeuw te verwerken toen de koude lucht verdreven werd. Het duurde tot 10 januari voor de echte winteraanval tot stand kwam. Siberische kou werd toen over Scandinavië naar ons land gevoerd.
Voorlopig kunnen we een periode met kouder en mogelijk licht winters weer tegemoet zien. De zachte ellende is voorbij. Of het daarna tot echt winterweer komt zullen we afwachten. In de loop van de week kom ik met een volgend bulletin. Het spel is begonnen en dat geldt zeker ook voor het schrijven van de bulletins.
(27-10-2009)
Toch een zachte oktober?
We naderen het einde van oktober, de tijd waarin vaak het echte herfstweer begint. Tot nu toe (26-10) is oktober in De Bilt met 10,5° gemiddeld nipt aan de koude kant: 0,1° beneden de normaal van 1971-2000. Met de komende dagen met vrij zacht weer voor de boeg zal oktober iets in de plus eindigen. Uit de temperatuur in oktober valt niets op te maken voor de komende winter. Er is wel een discutabele regel, die zegt dat een verschil tussen de eerste decade en de laatste decade van oktober een zekere voorspellingswaarde heeft voor de winter. Een verschil van 3 tot 5°, dalend, zou de kans op een koude winter vergroten. Het gedrag van de huidige oktober, met een kleine daling, zou de kans op een koude winter verkleinen.
Na de koude dagen in het midden van oktober is de temperatuur weer aardig omhoog gegaan. Het merkwaardige is nu, dat de verminderde zonnestraling in principe een verder gaande afkoeling zou moeten veroorzaken, terwijl de actuele ontwikkeling dit lijkt tegen te spreken. We weten natuurlijk dat hier andere processen aan de orde zijn: een verandering van stroming boven Europa kan de dalende trend zo maar omzetten in een stijgende, althans voor zo lang het duurt.
In de klimaatdiscussie wordt bovenstaande drogredenering door sommigen wel gehanteerd: uit het feit dat de opwarming van de aarde in de laatste 10 jaar stagneert, trekt een enkele klimaatscepticus de conclusie dat de theorie van de opwarming door CO2 vermoedelijk onjuist is. Men suggereert dan, dat de gangbare theorie over de opwarming niet deugt. De enig juiste conclusie lijkt me: er zijn meer factoren in het spel dan alleen de opwarming door CO2-toename. Daarmee is nog niets gezegd over de opwarming van de aarde door CO2-toename in de atmosfeer, met name door toedoen van de mens.
Die opwarming is in onze contreien intussen goed te merken. Het lijkt er zelfs op dat juist sinds 1997 onze winters niet meer echt koud willen worden. Ook hier is voorzichtigheid geboden: uit het feit dat de laatste 11 winters bedroevend weinig kou lieten zien kunnen we geen harde conclusies trekken voor de komende 10 jaar. Ook hier zijn mogelijk andere factoren in het spel dan alleen de globale opwarming. Ondanks het feit, dat we de komende decennia op doorgaande opwarming moeten rekenen, blijft de kans op een koude winter aanwezig; zelfs zou het kunnen gebeuren, dat de komende tien jaar weer meer schaatskou brengen dan de afgelopen tien jaar. Een volgende elfstedentocht zal toch een keer plaats vinden.
(14-10-2009)
Eerste vorst
H
et is weer zo ver: de gedachten aan winter gaan een grote plaats innemen in het dagelijks leven. Nou ja, grote plaats, dat geldt natuurlijk alleen voor dat handjevol winterfanaten waartoe ik mijzelf reken. En misschien is dat aantal nog aardig groot als we alle schaatsliefhebbers daarbij rekenen. Over schaatsen gesproken: ook dit jaar ben ik er weer vroeg bij met de baantraining: op 28 september stond ik al weer op de Uithof, zwetend bij buitentemperaturen van tegen de 20 graden. Je kan maar beter goed voorbereid zijn als de winter ons plotseling overvalt.
We hebben een mooie en boeiende zomer achter de rug: vooral in de tweede helft veel droog weer, veel zon en temperaturen boven normaal, zonder dat het langdurig heet was. Daarnaast een paar hevige onweerssituaties, waarvan de nacht van 25 op 26 mei er uit springt vanwege langdurig en hevig onweer. Velen zullen zich die ene tropische dag herinneren: op 20 augustus steeg het kwik in Ell (Limburg) tot 37,0°. De Bilt 33,8 en Rotterdam 32,6°. Het was een uitschieter, zoals wel meer voor komt in een overigens niet bijzonder warme zomer. Het landelijk record van 38,6° op 23 augustus 1944 in Warnsveld is hiermee goed te vergelijken: toen een vrij normale zomer met eveneens aan het eind die extreme warmte.
Het is altijd weer boeiend om te zien hoe een herfst zich ontwikkelt. Tot het einde van september leek de zomer geen afscheid te kunnen nemen. Het bleef, althans hier in Rotterdam erg droog. En de temperatuur bleef aan de hoge kant met middagtemperaturen die dicht bij de 20° bleven liggen. Veel grasvelden waren geel, wat je normaal meer met de zomer associeert dan met het najaar. Bij de start van oktober ging de temperatuur snel naar beneden, de CV kon weer aan en de regen viel met bakken uit de hemel. Het leek een soort inhaalslag wat betreft de neerslag. Het ontstane tekort in de zomer is daardoor in een groot deel van het land nog niet gecompenseerd. Vooral in het noordwesten is nog steeds veel te weinig regen gevallen.
En daar zien we dan vandaag de winter al om de hoek kijken: de eerst vorst is in De Bilt gemeten. Het minimum in de afgelopen nacht was aldaar -1.0°C. Zoals gebruikelijk was Twenthe weer de top, nu met -3,9°C. Dat gaat ineens erg snel, in ruim twee weken van zomers naar een tikje winters. Dat het nog heftiger kan was te zien in Alberta (Canada) , waar in de tweede helft van september temperaturen rond 30° werden gemeten. Een paar dagen geleden was het volop winter met overdag lichte vorst en in de nacht en ochtend zelfs strenge vorst. De kou is daar inmiddels weer verdreven door een zachter weertype.
De eerste vorstdag in De Bilt op 14 oktober is vrij vroeg. Gemiddeld verschijnt de eerste vorstdag op 4 november. Dat is het gemiddelde van 1979 t/m 2008. Het kan uiteraard veel vroeger en ook veel later. Anders gezegd: er zit behoorlijk wat spreiding in. Zo kwam in de laatste eeuw het kwik een paar maal in september al onder 0. De thermometer wees -0,2 op 28 september 1939 en in de recente historie op 16(!) september 1971 : -0,7. Dit alles in De Bilt. Eindhoven kwam op 16-9-71 tot -0,4 en Deelen -0,9.
De laatste datum van de eerste vorstdag in De Bilt was 17 december 2000. Dat kan dus ook.
Een vroege vorstdag zegt niets over de komende winter. Van de zeer koude tot strenge winters van de afgelopen 70 jaar valt alleen bij de strenge winter van 1940 op dat de vorst er al vroeg bij was, namelijk op die 28-ste september. Andere strenge winters, zoals 1963 en 1985 vielen niet op door vroege vorst.
Integendeel: voor de superwinter van 63 kwam de eerste vorst pas op 14 november. Daarna ging het snel: de eerste Hellmanndag op 21 november en de eerste ijsdag op 22 november. De eerste strenge vorst op 6 december. En toen moest het grote werk nog beginnen: landelijk staat 22 december 1962 te boek als de start van de eerste grote koudegolf van 13 dagen. Er volgden er nog 3 en bij Rotterdam zelfs nog 4!
(Zie ook het Dagboek 1963
)
In 1985, ook een zeer koude winter, kwam de eerste vorst juist heel laat: op 2 december 1984 mat De Bilt zijn eerste vorst. Ook 1997 was er niet vroeg bij, namelijk op 14 november. 1996 scoorde met 4
november heel normaal en dat was een abnormale winter. Lang, taai en koud. In het noorden van het land zelfs streng te noemen. Voor een uitgebreid verhaal over eerste en laatste vorst, eerste en
laatste ijsdagen etc. ern de verandering daarin in de loop van de laatste 70 jaar: ga naar de link “Klimatologie” en daarna “Veranderen onze winters?”
