Winterverwachting.

Door Cees van Zwieten

Waarschuwing vooraf:

Een winterverwachting is iets anders dan een winterbulletin. In mijn winterbulletins volg ik de feitelijk ontwikkelingen op de voet en houd ik rekening met de onzekerheid die eigen is aan de weermodellen. Dergelijke modellen vragen enorm veel rekenwerk om vanuit een bepaald moment de stuatie in de toekomst door te rekenen.

Mijn winterverwachting is niet gebaseerd op berekeningen of algemene inzichten over voorspellen en daarmee verre van wetenschappelijk. Eerder intuïtief, speculatief en gevoed door eigen ervaringen.

In mijn winterbulletins zal ik nooit terugvallen op mijn winterverwachting. Aan dit product kleeft dus een groot risico; resultaten uit het verleden bieden geen garantie voor de toekomst.



Winterverwachting 20-21

door Cees van Zwieten


Iets meer winter(19-12-2020)

Door gebrek aan winterweer lijkt het de laatste jaren minder interessant om een winterverwachting te maken. In dit rommelige corona-jaar is de verwachting even blijven liggen. Dit wordt mede veroorzaakt doordat ik de laatste weken weer intensief bezig ben met een serie artikelen over de winter van 63 in het blad Weerspiegel. Weerspiegel is het verenigingsblad van de VWK, de Vereniging voor Weerkunde en Klimatologie. Leden krijgen dit blad toegestuurd of kunnen dit via een link op de site lezen.

De winter dus. Op het internet zijn al vele verwachtingen te vinden. Soms gebaseerd op verschijnselen als El Nino of de QBO. Of soms toch weer de zonneactiviteit. Het zijn factoren waarvan naar mijn smaak de waarde heel beperkt is. Misschien beter dan -geen onweer in november- of -meer noordenwind in oktober-. Harde verwachtingen zijn er niet op te maken. De winterverwachting van het ECMWF wijst, zoals gebruikelijk, niet op een koude winter; ook niet op een zachte trouwens. Wel meen ik daar een voorkeur voor een noordwestelijke stroming in te ontdekken. Bij dit alles bedenk ik de laatste tijd, dat het nieuwe klimaat niet meer op dezelfde wijze als vroeger perioden met winterweer produceert. Dat echt winterweer nog steeds mogelijk is bewijst de vorstperiode van eind februari en begin maart 2018.

Het gaat er inmiddels op lijken dat deze winter in ieder geval tot iets in staat is. De relatieve kou aan het begin van december en het optreden van kleinere en soms iets grotere hogedrukgebieden in het noordpoolgebied zie ik als positieve signalen. Zoals ik de winter voor mij zie is dat er een met nu en dan perioden met temperaturen beneden normaal, met een behoorlijke kans op winterse neerslag. In hoeverre dit ook leidt tot een vorstperiode is nog de vraag. Ik heb er niet zoveel hoop op, maar wie weet, bedriegt mijn voorgevoel mij.

De verwachting:
Een vrij zachte kwakkelwinter met nu en dan flink dalende temperatuur. Wel natte sneeuw en droge sneeuw maar geen volwaardige vorstperiode. Schaatsen is dus weer kwestieus deze winter. Het zal hier en daar wel kunnen maar niet op grote schaal. De relatieve kou komt in de periode van kerst tot ongeveer 6 januari. Later in de winter, waarschijnlijk februari, opnieuw winterse perikelen. Een ander scenario is dat van 94/95. Toen vorst voor kerst en na 1 januari sneeuw en vorst. Na 7 januari was het gedaan en de dooi en overvloedige regen bracht toen extreem hoog water in de rivieren. Laten we aannemen dat dat laatste scenario ons bespaard blijft.

Wat temperatuur en koudegetal betreft: ik ga uit van een temperatuur tussen normaal en 1,5 graden boven normaal. Een koudegetal van ongeveer 20 moet mogelijk zijn.



Oudere winterverwachtingen:

Kijk voor oudere winterverwachtingen in het Winterarchief.




Site design and copyright by Ir Grootveld / Blinksoft.
//