Winterverwachting.

Door Cees van Zwieten

Waarschuwing vooraf:

Een winterverwachting is iets anders dan een winterbulletin. In mijn winterbulletins volg ik de feitelijk ontwikkelingen op de voet en houd ik rekening met de onzekerheid die eigen is aan de weermodellen. Dergelijke modellen vragen enorm veel rekenwerk om vanuit een bepaald moment de stuatie in de toekomst door te rekenen.

Mijn winterverwachting is niet gebaseerd op berekeningen of algemene inzichten over voorspellen en daarmee verre van wetenschappelijk. Eerder intuïtief, speculatief en gevoed door eigen ervaringen.

In mijn winterbulletins zal ik nooit terugvallen op mijn winterverwachting. Aan dit product kleeft dus een groot risico; resultaten uit het verleden bieden geen garantie voor de toekomst.



Winterverwachting 16-17

door Cees van Zwieten


De Verwachting (30-11-2016)


De afwijkende drukontwikkeling in het noordpoolgebied, mogelijk samenhangend met minder ijs in dat gebied, geeft in mijn ogen aan dat in de komende winter er veel kans is op winterse ontwikkelingen. Winters bedoel ik in ruime zin: afwijkende drukverdeling met hogedrukgebieden op noordelijke breedte. In het najaar was er weinig sprake van onstuimig weer en relatief veel rustig hogedrukweer. Als gevolg daarvan beleefden we een te koude oktober en een te koude november.

Mogelijkheden voor de winter van 16/17:

1. Mijn intuïtie gaat in de richting van een winter met één of meer vorstperioden, waarbij de gemiddelde wintertemperatuur ongeveer 1 tot 3 graden onder normaal zal eindigen. We komen waarschijnlijk in één van die perioden op de schaats. Als er daarbij uitgesproken noordelijke stromingen zullen optreden, waarop ik de kans op 50% houd, zal er ook sneeuw van betekenis vallen, dwz zeggen een sneeuwdek dat enkele dagen blijft liggen in een groot deel van het land. Dat kan de schaatspret weer tegenwerken als de sneeuw op het verkeerde moment of te overvloedig valt.

2. Een kleine kans zie ik voor een zeer koude winter, waarin eenmaal binnengekomen kou in West Europa zich nauwelijks laat verdrijven gedurende vele weken.

3. Iets meer kans zie ik voor een koude kwakkelwinter, waarin de kou steeds terugkeert maar vaak afgewisseld wordt door iets zachtere perioden.

Ontwikkeling :

Wat betreft de ontwikkeling over de gehele winter zie ik het in december nog niet echt lukken, al lijkt het erop dat er wel sneeuw zal vallen. Echte kou zie ik meer in het verschiet voor januari en februari. Wintergemiddelde (december t/m februari) tussen 0,5 en 3,0 graden. Koudegetal tussen 50 en 90, met een kleine kans op een koudegetal boven 100. Grote kans op een schaatsperiode.

Opvallende ontwikkelingen (24-11-2016)


Is er reële kans op een koudere winter? Als we vergelijken met de voorgaande drie winters, die zeer zacht en vorstarm waren, zal dat “kouder” heel gemakkelijk uitkomen. Drie winters op rij met een koudegetal beneden 10 en een wintergemiddelde tussen 0,7 en 3,0 graden boven normaal. Ter herinnering: om een behoorlijke ijsvloer te krijgen is een K van 16 binnen een dag of 6 nodig. De winter van 2016 gaf een koudegetal van 9,6 waarvan 8 punten in een weekje in januari. Geen sprake van serieus ijs dus.

Als we de vraag anders stellen: kunnen we een koude winter verwachten, dan wordt de vraag moeilijker te beantwoorden. In het algemeen wordt wel een koudere winter verwacht op basis van heersende luchtdrukpatronen, maar hoe koud en hoeveel ijs en/of sneeuw? We moeten het doen met globale verwachtingen en een beetje intuïtie.

Oktober vertoonde iets meer noordelijke stroming dan normaal en een opvallende blokkade die noordelijk lag van 4 t/m 16 oktober. Dit Scandinavische hogedrukgebied leverde ons een week met vrij koud weer, gevolgd door een paar zeer zachte dagen. Deze fenomenen zijn voor mij een eerste signaal voor mogelijk meer kou in de komende winter. In november viel op dat het rustige weer de overhand had. Bovendien was er regelmatig ontwikkeling van hogedruk op noordelijke breedte te zien.

Poolwervel
Wat door diverse meteorologen die zich met vooruitblik op het seizoen bezig houden, wordt genoemd is de verzwakking en verplaatsing van de poolwervel. De poolwervel is een gebied met lage temperaturen, vooral in de bovenlucht, dat fungeert als een groot lagedrukgebied. Mede daardoor wordt de westcirculatie in de winter veel krachtiger en kan het weer soms gedurende weken in de “herfststand” staan. Is de poolwervel verzwakt, gesplitst of verplaatst, dan komt er ruimte voor afwijkende circulaties en blokkades op gematigde breedten. Zo’n blokkade moet dan wel net gunstig voor ons komen te liggen voor een mooie vorstperiode. Dit soort afwijkingen in de poolwervel en blokkades komen soms midden in de winter opzetten na een zachte periode. Dat zagen we bijvoorbeeld in 2012, toen na een langer periode van zacht weer de siberische kou eind januari opdrong naar west Europa en daar twee weken winterweer veroorzaakte. Hoe gaat dat dit jaar gebeuren? Het lijkt er op dat afwijkende circulatietypen meer de overhand gaan krijgen, wat kan resulteren in vorstperioden en/of sneeuwval.

Sneeuwbedekking Siberië
Dit jaar is de sneeuwbedekking in Siberië in oktober snel tot een groot oppervlak toegenomen. Volgens Judah Cohen is er dan een grotere kans op een koude winter in west Europa. Opvallend is daarbij, dat mede door de afwijkingen aan de noordpool er in november hevige kou is opgetreden in een deel van Siberië; er was in een bepaald gebied sprake van temperaturen van 20 graden beneden normaal. In Omsk kwam het op 18 november tot 22 graden onder normaal. Daar tegenover stonden zeer hoge temperaturen in het noordpoolgebied, tot 20 graden boven normaal.

Voorlopig geeft dit alles gerede hoop op een winter met meer kou dan de vorige drie winters bij elkaar.



Oudere winterverwachtingen:

Kijk voor oudere winterverwachtingen in het Winterarchief.




Site design and copyright by Ir Grootveld / Blinksoft.
//