schaatsthuis winterbulletin archief < < < vorige < < < contact

Terug
Home

Dagboek 1985

I Inleiding

Bij het noemen van het jaartal 1985 zal menigeen herinnering krijgen aan een prachtige winter. Alles zat er in : sneeuw, extreem lage temperaturen, veel ijs en een elfstedentocht. Het was een winter die zijn komst niet aankondigde met vroege winterprikken. Het was meer een soort revolutie-winter; de kou sloeg in korte tijd bijzonder heftig toe.

Voor de schaatser doemt het beeld op van langdurig aanwezig ijs in januari en een tweede vorstperiode in februari met eindelijk, na 22 jaar, weer een elfstedentocht. Voor de winterfanaten, voor wie er niet genoeg sneeuw kan vallen en de temperatuur niet laag genoeg kan worden, was de inval van de kou, met sneeuwbuien uit het noordoosten, van uitzonderlijke schoonheid. Op mijn netvlies staat bijvoorbeeld die schitterende 7-de januari met een ultiem doorzichtige vrieslucht boven een flink sneeuwdek,….. Maar laat ik daar niet op vooruit lopen.

Ik heb uit die winter een soort dagboek; in dit “Dagboek 1985” zal ik daaruit ruimschoots citeren. Natuurlijk zijn er ook de gegevens van het KNMI; weerkaarten heb ik in mijn archief van 30 december 1984 t/m 22 februari 1985. Krantenknipsels heb ik uit die winter ook bewaard.

II Voorspel

September 1984 was somber en nat. In De Bilt werd 145 mm afgetapt en in het Brabantse Klundert zelfs 250 mm. Het was het sluitstuk van een vrij koele zomer. Alleen augustus scoorde boven normaal met een gemiddelde van 18,1°C. De andere vier maanden van het warme seizoen waren te koel. Opvallend koel was de maand mei : een gemiddelde van 10,6 tegen 12,7 normaal.

Oktober: Na dat tegenvallende zomerseizoen kwam een vrij zachte oktober met een egaal temperatuursverloop; een maand zonder vorst.

November: Op de weerkaarten van november 1984 zien we vaak een hogedrukgebied op het vasteland van Europa en dan meest boven Rusland. Het hield bij ons onstuimig herfstweer op een afstand, zonder dat er al van winterweer sprake was. In het noorden van het land kwam de winter toch even binnen sluipen, toen op 17 november het hogedrukgebied zich boven Finland en west Rusland had gevestigd. Een depressie trok Frankrijk binnen waardoor een oostelijke stroming ontstond. Hiermee kwam in het noorden van het land vrij koude lucht uit Oost Europa binnen. Eelde telde op 15 , 16 en 17 november de eerste drie vorstdagen van het seizoen. Op 17 november drong zachtere lucht op naar en noorden, wat daar aanleiding gaf tot sneeuw en ijzel. Op 18 november was de kou verdwenen. De Bilt was tot dan toe nog steeds vorstloos geweest. Het hogedrukgebied trok zich terug tot ver in Rusland en liet ons achter met een zachte novembermaand.

1 december 1984 : Het is rustig weer. Diep in Aziatisch Rusland ligt een krachtig hogedrukgebied met kerndruk van 1055 hPa. Omdat het in de richting van het oostelijk Middellandse zeegebied sterk ontwikkeld is, veroorzaakt het boven Europa een zuidelijke stroming. Absoluut geen wintersituatie; vandaag komt De Bilt bij een zuidoostenwind tot 11 graden.

2 december: De eerste vorstdag van het seizoen in De Bilt; dank zij nachtelijke uitstraling komt de temperatuur net even onder 0. Met -0,1°C heet dat dan een vorstdag.

3 t/m 10 december: Het hogedrukgebied neemt in betekenis af; de kern trekt over midden Europa naar het westen en ligt op 10 december boven Het Kanaal. In ons land schommelt de temperatuur rond normale waarden, met op 7 en 8 december een halve graad vorst. De wind waait meest uit het zuiden en draait op 10 december naar zuidwest. Een enkele dag valt er een paar millimeter regen. Saai weer voor de winterliefhebber.

11 t/m 17 december 1984: Het is doorgaans vrij rustig weer met weinig zon. Op 13 december schijnt de zon ongeveer 5 uur en op 17 december 2 uur. Op 14 t/m 17 december valt af en toe regen; bij dit alles ligt de temperatuur zowel overdag als ’s nachts boven de 0 graden. Is dit winter?
De weerkaarten uit die week laten een hogedrukgebied zien, dat ver weg in Aziatisch Rusland zijn vaste plek lijkt te hebben gevonden. Op 11 december ligt er ook een hogedrukgebied boven onze omgeving; tussen beide hogedrukgebieden in baant een hoeveelheid koude lucht zich een weg over midden Europa. Als dan op 12 en 13 december de druk boven Scandinavië stijgt lijkt er geleidelijker een iets winterse situatie te ontstaan. Van kou komt weinig terecht : het hogedrukgebied boven Scandinavië wordt opgenomen in het Russische hoog terwijl intussen een depressie boven de Britse eilanden zijn invloed over ons land doet gelden. Uitzicht op echt winterweer is er niet. Aan de andere kant is er ook geen sprake van een westcirculatie met grote depressie-activiteit. Een groot lagedrukgebied ligt ver weg, tussen IJsland en Groenland.
Koudegetal 1985 tot nu toe : 0,0

18 t/m 24 december 1984: De week voor kerst verloopt vorstloos. De wind zit meestal in de zuidwesthoek, waarbij er op de meeste dagen wel wat regen valt. De maximumtemperatuur schommelt tussen +6 en +9. Op de weerkaarten zien we ver weg boven de Oeral een krachtig hogedrukgebied met kernwaarde omstreeks 1050 hPa. Af en toe komt er een brug tot stand tussen het Azorenhoog en dit Russische hoog. Uitlopers van een depressie bij IJsland dringen regelmatig tot onze streken door en veroorzaken het regenachtige weer. Op kerstavond lijkt zich een hoeveelheid iets koudere lucht in Polen en west Rusland in beweging te zetten naar het westen. Veel kou is daar niet van te verwachten, maar, wie weet...

25 december : Eerste kerstdag 1984 heeft gematigd weer met af en toe een bui en een paar uur zon. In De Bilt komt het maximum op 7,1°C.
26 december : In de nacht is bij opklaringen het kwik in De Bilt net iets onder 0 gedaald. Met die -0,2 is de 4-de vorstdag van het seizoen binnen. De wind zit in de zuidhoek en is zwak tot matig en er valt af en toe een buitje. Op de weerkaart is een nieuwe ontwikkeling te zien : een vrij koude depressie met kern ten zuiden van IJsland breidt zich in de richting van Frankrijk uit. Hierdoor gaat de wind krimpen van zuid naar oost. Dit zal de aanvoer van continentale lucht bevorderen. Van vorst van betekenis zal daarbij voorlopig geen sprake zijn.
27 december : Vandaag is het droog en iets kouder, met een maximum van 4,7 bij een zwakke noordoostenwind. De kleine depressie ligt nu, afgezwakt, met zijn kern bij de zuidkust van Bretagne. Ver weg, het verhaal wordt eentonig, bij de Oeral ligt een hogedrukgebied met kerndruk van 1045 hPa. Een ander hogedrukgebied ligt voor de kust van Portugal. Dat levert ons dat ”geen-vlees-en-geen-vis-weer” op.
28 december : Bij een opnieuw naar zuid gedraaide wind is het vandaag weer iets kouder. De Bilt geeft een maximum van 2,7°C na een minimum van -1,5. Op de rand van de weerkaart gebeurt iets opvallends : terwijl in de omgeving van Spitsbergen de druk stijgt trekt een koudepool ten oosten daarvan langzaam in de richting van het noord-russische vasteland. Een winters ontwikkeling? Voorlopig merken wij daar niets van; het Russische hogedrukgebied breidt zich iets naar Scandinavië uit, terwijl het hoog voor de kust van Portugal honkvast is. Wij zitten daar tussenin met rustig weer.
29 december : Opnieuw een vorstdag met rustig weer. Het etmaalgemiddelde is met +0,8°C duidelijk aan de lage kant. Het russische hogedrukgebied trekt wat naar het westen en lijkt te gaan samensmelten met het Portugese hoog; dit hogedrukgebied heeft een zwakke uitloper naar de poolzee ontwikkeld. In noord Rusland neemt de kou toe; de koudepool komt aan land ten oosten van Nova Zembla. Een ander fenomeen is opvallend op de weerkaarten : al dagen lang ligt een depressiegebied vrijwel stationair bij het zuiden van Groenland.
30 december : De eerste Hellmannpunten zijn binnen; nou ja, punten? Met een gemiddelde van -0,2°C in De Bilt staat het koudegetal na vandaag op 0,2. Zouden we zo langzaam de winter in glijden? We bevinden ons in een hogedrukgebied, dat een groot deel van west en midden Europa beslaat. Het hogedrukbastion heeft zich geheel uit Rusland terug getrokken naar westelijker gebieden. In noord rusland gaat de kou steeds verder met zijn langzame opmars naar het zuiden. Maar met zo’n hogedrukgebied boven onze omgeving lijkt er weinig kans, dat deze kou onze kant op komt. Een sterke straalstroom uit het westen is nog steeds ver te zoeken. Boven de oceaan buigt deze gedeeltelijk naar het noordoosten weg; een andere tak komt over west Europa vanuit het noorden. Drukdalingen in de avond bij Schotland lijken te wijzen op de vorming van een depressie op het noorden van de Noordzee. Zou deze depressie een beetje leven in de brouwerij kunnen brengen?
Koudegetal na 30 december : 0,2

31december 1984: Een gewone, sombere winterdag, met een maximum van ongeveer 5°C. Het leek aanvankelijk een droge jaarwisseling te worden : het KNMI verwacht morgen enige tijd regen en sneeuw. Een depressie zal over ons land naar het zuiden trekken. Daarachter blijft de kans op een regen- of sneeuwbui bestaan. In mijn eigen dagboekaantekeningen zie ik staan : “…op oudejaarsdag gaat het onverwacht regenen en in het oosten van het land ook sneeuwen..” In het licht van de dingen, waarvan we achteraf weten dat ze zouden komen, is het leuk om ook Hans de Jong te citeren. Uit zijn bericht van de ochtend van de 31-ste december neem ik een paar fragmenten :
….. tijdens de jaarwisseling zal er in de euro-weerverhoudingen weinig veranderen…
Bij het bespreken van computerberekeningen :
…..Een langs Schotland passerende depressie zwenkt af over de Noordzee en gaat het weerbeeld in Europa beheersen, ja u hoort het goed .. in Europa. Kaarten voor donderdag en vrijdag (3 en 4 januari) geven aan dat het Scandinavische hogedrukgebied dan foetsie is en plaats heeft gemaakt voor een omvangrijk lagedrukgebied dat breeduit over West-, Midden- en ten dele zelfs over Zuid-Europa gaat liggen. Ook het Azoren-maximum zou volgens mijn gegevens erdoor van slag raken. Eén en ander geeft in toenemende mate onbestendigheid waarbij we beter nog maar niet kunnen rekenen op vroege lentetemperaturen.……
Tot zo ver Hans de Jong, die al een aanwijzing geeft voor naderend kouder weer. De titel van zijn weerpraatje was overigens : Halfslachtig. Duidelijk is het allemaal dus nog niet.

De jaarwisseling verloopt bij ons met nat en winderig weer. Uit alles blijkt, dat de ontwikkelingen vandaag sneller zijn gegaan dan verwacht. De depressie die vannacht bij Schotland is ontstaan, trekt ondanks de aanwezigheid van een hogedrukgebied boven Europa over de Noordzee naar het zuidzuidoosten. Wat een onverwachte dynamiek! Achteraf is goed te zien, hoe dat op de weerkaart plaats grijpt. Het hogedrukgebied boven Europa wordt aldaar versneld afgebroken. De kern trekt zich terug naar het zeegebied ten westen van Bretagne. Maar nog iets : alsof het uit Europa werd weggedrukt en een nieuwe uitweg zoekt, breidt het hogedrukgebied zich snel in de richting van IJsland uit en gaat contact maken met het hogedrukgebied in de poolstreken. De oude depresie ligt nog steeds bij zuid Groenland. Een andere, kleine depressie trekt het noorden van Rusland binnen en neemt een hoeveelheid zeer koude lucht mee in de richting van noord Scandinavië en noord Rusland. Thialf op oorlogspad!

III De overval

1 januari 1985: In de vroege ochtend trekt de “Schotse” depressie over het Duitse waddengebied in de richting van Midden-Europa. Dit venijnige systeem veroorzaakt op de Noordzee tijdelijk een harde noordenwind. Op de Atlantische Oceaan voltrekt zich iets heel moois : in hoog tempo heeft zich daar een langgerekt en krachtig hogedrukgebied ontwikkeld. Het strekt zich uit van de Noordelijke IJszee tot Portugal. Aan de oostzijde van dit systeem ontwikkelt zich boven West-Europa op 5 km hoogt een krachtige noordelijk stroming. Koude lucht uit het poolgebied trekt het noorden van Scandinavië binnen. De waarheid gebiedt te zeggen, dat ik mij er op dat moment in het geheel niet van bewust was, dat er bijzondere winterse ontwikkelingen gaande waren. Wel nam ik waar, dat de temperatuur aan een daling begonnen was. In de registratie van De Bilt is ook een val van de temperatuur te zien van ongeveer 6 naar 3 graden tussen 11 en 12 uur in de middag. De wind draait van westnoordwest naar noord en blijft vrij stevig doorstaan. In het oostelijk waddengebied staat een oostnoordoosten wind! De vooruitzichten zijn : geleidelijk kouder.
Koudegetal : 0,2

2 januari 1985: De weerkundigen krijgen door, dat er echt winterweer op komst is. Ik citeer opnieuw Hans de Jong, maar nu twee maal. Het 1e citaat is van de vroege ochtend in Trouw en het tweede komt uit Het Vrije Volk. Als ik het goed heb is dat een bericht van de middag.
In Trouw onder de titel : Kouder
(…) De vooruitzichten wijzen op lagere temperaturen (…) Later in de week komt het mogelijk tot matige vorst (…) De vraag is natuurlijk : hoe lang gaat dit wintertje het uithouden? En wat dat betreft ben ik toch niet helemaal gerust, bekeken vanuit het oogpunt van de schaatsliefhebbers (…)…een draaiing van de wind naar noordwest of zelfs west in het weekeinde (…)

In Het Vrije Volk onder de titel : Winter slaat toe
(…) Het kan verkeren….wie had kort voor oudjaar kunnen denken dat die eerst ogenschijnlijk weinig betekenende depressie bij Schotland zo’n meteorologische aardverschuiving tot stand zou brengen en daarmee de winter bij ons in huis halen. Tijdens de overgang van oud naar nieuw werden de grondslagen gelegd voor een periode met koud winterweer die deze week verder zal aanhouden. (…) Morgen stijgen de sneeuwkansen door de komst van een koufront boven Scandinavië dat en passant ook in Noord-Duitsland de velden witter zal maken. (…)

Hoe een weerman in korte tijd zijn visie op de komende winter aanscherpt!

Inderdaad zijn de verhoudingen in Europa radicaal op z’n kop gezet. Waar twee dagen geleden een hogedrukgebied lag, nl boven het vasteland van Europa, ligt nu een groot lagedrukgebied, van Finland tot aan Algerije. Een hogedrukgebied strekt zich uit van de Noordelijke IJszee tot voorbij Ierland. De straalstroom boven Scandinavië en West-Europa komt nu uit noord tot noordoost!. Daardoor is de hevige kou in het uiterste noordoosten van Europa in beweging gekomen. Zo’n stroming is vermoedelijk na 1963 niet meer voor gekomen. Misschien kan deze winterinval wel vergeleken worden met die van 29 tot 31 januari 1956; wat een spektakel!

Ik keek in die tijd graag naar het TV-weerbericht van de Duitse zender ZDF. Nu nog zie ik het kaartje voor me en hoor ik in mijn oren de beschrijving naklinken van de Duitse meteoroloog (Herr Doktor Teich). Schitterend was dat, het ging ongeveer zo : achter een front boven Zweden, dat “sehr rasch” naar onze kant komt, stroomt “sehr kalte Festlandsluft” naar het zuidwesten. Ook op de kaart van het KNMI is dit front ingetekend boven Zuid-Zweden en de Oostzee. Een depressie trekt van Finland in de richting van Polen, de arctische lucht mee sleurend naar West-Europa; prachtig!

Vandaag al ligt de temperatuur bij ons rond het vriespunt; in heel Duitsland ligt een sneeuwdek; in Denemarken is op nieuwjaarsdag 30 cm sneeuw gevallen. De wind waait bij ons meest uit het noorden. Het KNMI kondigt "af en toe een sneeuwbui" aan, met ’s nachts matige vorst. Het weer blijkt zich moeilijk te laten vatten in een goede verwachting, want deze verandert per 2 uur; vooral wind- en sneeuwverwachting variëren. Het is als zo vaak bij invallen van winterweer : de details laten zich moeilijk voorspellen. En zo komt de spanning er weer ouderwets in ; deze winter gaat zijn eigen gang.
Koudegetal : 0,8

3 januari 1985 : Bij ons in Schiedam ligt er in de ochtend 2 cm verse sneeuw, veroorzaakt door een paar sneeuwbuien vanaf de Noordzee. In het hele land liggen de middagtemperaturen om het vriespunt bij afnemende noordwestenwind. Het koufront nadert ons land en kan vanmiddag het uiterste noorden van het land al bereiken.

Hans de Jong is nog voorzichtig met zijn temperatuurverwachting : -4 tot -8 en na morgen -9 tot -10. In het weekend, dat is dan 5 en 6 januari zou er al geschaatst kunnen worden, maar dan voorlopig alleen op slootjes; aldus Hans de Jong. Het KNMI verwacht, dat het winterweer met ‘s nachts matige en in de middag lichte vorst de komende 5 dagen zal aanhouden. Op de weerkaart is te zien, dat de luchtdruk boven Scandinavië is gestegen; de aanvoer van zeer koude lucht lijkt dan ook voorlopig verzekerd.

Ik zie uit naar de avond, want dan moet het koufront met sneeuw het zuidwesten van het land passeren; de verwachting is, dat de wind dan uit het noordoosten zal gaan toenemen. Met een vriend maak ik om een uur of tien in de avond een duurloopje. De wind waait uit het noordwesten en er valt sneeuw; opvallend genoeg dooit het bij die noordwestenwind niet! Om half twaalf fiets ik naar huis, en zie dat er enkele cm sneeuw is gevallen. Het sneeuwt dan nog steeds stevig bij -1 tot -2°C; in het oosten van het land is het dan al -6 tot -7; dan klaart het om half één weer op. Wat een mooie avond.

4 januari (vrijdag): Wat gaat dit allemaal snel; een regelrechte sensatie. In Deelen en Twente heeft het vannacht 15 graden gevroren; Eelde kreeg -12 aan de broek en zelfs Rotterdam kwam tot -12. Op Deelen wordt om 9 uur zelfs -16 gemeten, dat is meteen al zeer strenge vorst. Waarom heeft niemand dit voorzien? Overal is sneeuw gevallen gisteren en vannacht, van een paar millimeter in het oosten tot 10 cm in noorden en noordwesten. Uithuizermeden : 13cm ; Den Helder 10 cm. In de omgeving van Groningen kwam gisteren het verkeer tijdens de avondspits tot stilstand door de sneeuwval. Ook elders in het land kwamen veel slippartijen voor.

Bij ons valt om 10 uur weer sneeuw. Dan klaart het om een uur of twaalf op. Het is wel bijzonder koud, en dat bij noordenwind : Rotterdam maximaal -4 en als koudste heeft Beek (L.) -6. In de middag loop ik een beetje rond in mijn omgeving en proef de wintersfeer. Het is een kou-inval zoals ik mij die niet herinner : wind van zee en toch temperaturen ver onder 0. Mooi weer is het, met een zwakke tot matige noordnoordoostenwind; daarmee drijven nog wat wolkenflarden langs waartussen het prachtige arctische blauw zichtbaar is. Voor mij is dit het ultieme winterweer. Kwam dit ooit eerder voor? Misschien in 1940, maar dat heb ik niet meegemaakt.

Hans de Jong vindt de situatie ouderwets met een hogedrukgebied bij de Faröer en ten westen van Noorwegen, en met diepe lagedrukgebieden boven Oost-Europa en het Middellandse Zeegebied; vervolgens uit hij zijn twijfel bij de vraag of de winter het lang zal uithouden. In de loop van de volgende week zal bij draaiing van de wind naar noordwest zachtere lucht vooral de kustgebieden binnenstromen.

In de avond gaat het snel omlaag met de temperatuur : om middernacht hebben De Bilt en Rotterdam al -13 en Eindhoven -14. Alleen op de stations dicht bij zee of ander water is de vorst matig; verder is het strenge vorst, wat de klok slaat. De Duitse weerman vertelt ons, dat deze situatie met zo’n sterke blokkade precies is, wat in strenge winters voor komt, zoals in januari 1963. Dat vermoedde ik al; ook vermoed ik, dat er zondag geschaatst kan worden.

Op de weerkaart zien we een groot blokkerend hogedrukgebied boven IJsland en Scandinavië. Op 5 km hoogte staat een krachtige wind uit het noordnoordoosten; een omgekeerde straalstroom dus eigenlijk, die de aanvoer van kou boven onze omgeving voorlopig garandeert. Een groot deel van Europa is in de greep van de winter; temperaturen om middernacht van -40 in Lapland tot -4 in het uiterste zuiden van Frankrijk.
Koudegetal : 8,7

5 januari (zaterdag): Het is vannacht en vanochtend bijzonder koud geweest; zelfs bij Rotterdam werd zeer strenge vorst gemeten : -16°C. Dat is voor deze omgeving zeer uitzonderlijk, maar ook elders in het land ging Thialf voluit : Eelde en Gilze-Rijen -17 en Deelen -19. Hans de Jong geeft zijn weerpraatje nu de titel : Streng tot zeer streng. Hij noemt temperaturen, gemeten door weeramateurs op de Veluwezoom op 4 januari : -18° op huthoogte en -21,8° op 10 cm hoogte. Sneeuwhoogten in het noorden van het land zijn aanzienlijk : 13cm in Uithuizermeden, Warmenhuizen (NH) 19 cm en West Terschelling 23 cm. Hans de Jong wordt steeds positiever over deze winter; hij vergelijkt de ontwikkelingen met 1947 en 1963. Hij eindigt met : “Dat het nog lang koud zal blijven, lijkt mij wel voor de hand te liggen.”

Winternieuws in de kranten :
Trouw : Treinverkeer vertraagd door sneeuw. Bevroren koppelingen zijn de boosdoener; veel reizigers moeten extra overstappen en lopen vertragingen op. Het wegverkeer had gisterenochtend nog problemen met de gladheid, maar gisterenavond was de toestand weer normaal.
Het Vrije Volk kopt op pagina 3 : Schaatsen uit het vet : de winter begint echt. Ijsclub Kralingen liet in allerijl de tennisbaan onderlopen. In het oosten van het land ondervonden kleine schepen al hinder van de ijsgang.

Tussen twaalf en twee fiets ik langs de Rotte. Er ligt mooi, maar dun ijs. Op de Rottemeren ligt ook sneeuw op het ijs; dat betekent, dat het daar al iets langer dicht ligt. Gunstig is dat niet, want de sneeuwlaag isoleert en belemmert de ijsaangroei. Het is fantastisch windstil weer; door de afwezigheid van wind krijg ik een beetje twijfel aan de schaatsmogelijkheden op korte termijn; we zien morgen wel.

’s Avonds blijkt uit het weerbericht dat de al eerder aangekondigde sneeuwstoring meer gaat doen dan een paar verspreide buien brengen. Op de Noordzee diept een storing uit en gaat vanuit het noorden sneeuw brengen bij zuidenwind, later draaiend naar noordoost. Het doet een beetje denken aan 1979 : ook toen eerst een kou-inval van formaat, gevolgd door een rustige dag en daarna een sneeuwstoring (Polar Low) vanaf de Noordzee.

Om 22 uur meldt Rotterdam al weer -13. Dan verandert er iets, want om middernacht is het kwik gestegen tot -11. Dat moet de invloed van wind of bewolking zijn. De vijfdaagse verwachting van het KNMI geeft een aanhouden van de vorst op, met ’s nachts meest strenge vorst. Op de weerkaart zien we als blikvangers nog steeds een groot hogedrukgebied met centrum bij IJsland en een lagedrukgebied boven het Middellandse Zeegebied. Een klassieke wintersituatie met als smaakmaker een kleine sneeuwdepressie die uitdiepend over de Noordzee naar het zuiden trekt.
Koudegetal : 18,6

6 januari 1985 (zondag): Ik maak met mijn schaatsvriend een tochtje op de Rottemeren. We hadden dat gisteren na inspectie van het ijs afgesproken, hopend op ijs van voldoende dikte. Het is daarbij heel ander weer dan gisteren. De temperatuur is opgelopen naar ongeveer -4 en het is er flink bij gaan waaien uit het zuiden. In de loop van de dag gaat het sneeuwen.

Door die wind is het vrij koud op het ijs; het gekraak hier en daar maakt duidelijk, dat de dikte nog wat te wensen over laat; de sfeer is echter wel bijzonder winters door de sneeuw op het ijs en de sneeuwjacht; het zicht vermindert af en toe tot 100 à 200 meter. Als we om drie uur van het ijs af stappen zie ik een bleek zonnetje tussen de grauwe wolken doorkomen; het blijft daarbij licht sneeuwen. Een poollandschap, zo stel ik mij voor dat dat er uit ziet.

De veroorzaker van dit prachtige winterse spektakel is een kleine depressie, die vlak ten westen van ons land naar het zuiden trok. Uit het verslag van Hans de Jong, opgevangen van diverse waarnemers elders in het land, blijkt, dat deze depressie in heel het land behoorlijk huis hield. In het uiterste noorden van het land kwamen sneeuwverstuivingen voor en plaatselijk vielen flinke sneeuwbuien. Op Ameland en Schiermonnikoog kwam bij buien een stormachtige noordoostenwind los, waarbij auto’s insneeuwden in sneeuwruggen van bijna een meter.

Andere waarnemers beleefden plotseling invallende noordoostenwind met kracht 8 tot 10, een groenachtige wolkenband als bij een zwaar onweer of plotselinge luchtdrukveranderingen. Achter de depressie baant zeer koude lucht uit Duitsland zich snel een weg naar het westen. Ook bij ons draait de wind in de avond naar noordoost en neemt dan toe tot krachtig of hard. De temperatuur daalt snel naar -6 tot -8 in het hele land.

Het hele gebeuren roept natuurlijk herinneringen op aan 2 januari 1979 (zie ook het 1979-journaal). Ook toen trok een kleine en zeer koude depressie over de Noordzee naar het zuiden en verzorgde bij ons een weergaloze wintershow, met name in het westen van het land. Het verschil met 79 zit in een paar dingen : deze depressie liet ons land links liggen, waardoor geen dooi ons land binnen kwam. Zelfs Vlissingen hield de temperatuur de hele dag onder nul; het maximum was daar -1,2°C. Elders bleef het kouder; De Bilt kwam tot -5,3 en Eelde tot -5,6 als maximum. Een ander verschil is de omvang van de sneeuwdepressie; kwam die van 2 januari 1979 met de kern over zuid Holland en reikte de invloed niet tot het noordoosten; de depressie van vandaag trok over België maar was met die buien en plotseling opkomende noordoosten wind tot in het uiterste noordoosten van het land duidelijk aanwezig.

Ook elders in Europa blijft de winter heel opzichtig aanwezig; uit Baskenland werd sneeuw gemeld; Bordeaux en Toulouse kwamen tot -6 en zelfs in Rome sneeuwt het bij temperaturen onder 0.

Al weer een prachtige winterdag bijgeschreven in de geschiedenis van 1985. Duidelijk is nu al, dat het morgen weer kouder is met die felle oostenwind. Een nieuwe portie zeer koude lucht stroom vanuit Scandinavië naar ons land. Dat belooft nog meer goeds!
Koudegetal : 26,2

7 januari (maandag) : Als ik aan die 7-de januari terugdenkt, dan zie ik kristalhelder weer voor me. Een felle zon met een niet minder felle en steenkoude oostenwind. Alles steekt fel gekleurd af tegen een donkerblauwe hemel. In de ochtend vriest het op de meeste plaatsen streng met temperaturen van -8 in Den Helder en Vlissingen tot -15 in Eelde. In de loop van de ochtend loopt de temperatuur nauwelijks op bij een vrij krachtige oostnoordoostenwind. De maxima blijven op sommige plaatsen beneden -10 liggen; zo meldt bv Enschede -10,3 en Dinxperlo -11,3 als maximum.

Een deel van de ochtend ben ik bezig met huizen kijken. Stel je voor : je komt uit een onverwarmd huis en gaat dan de vrieskou in van -10 met een snijdende wind : bitter koud is dat. Bij één van die huizen troffen we in de tuin een groot aquarium aan; de vorige eigenaar had om één of andere reden dat ding buiten gezet. Vanuit de wanden was het ijs naar binnen gegroeid, waardoor in het centrum een ovaal gebied van water was overgebleven. In dat ovaal zwom een goudvis traag rond; een droevig lot wachtte hem…

Er komen berichten binnen over mensen die hun huis niet warm kunnen stoken. In de middag kom ik op het conservatorium en tref daar een leskamer die niet echt warm is; de ijsbloemen staan onder aan de ramen, terwijl er toch gestookt wordt. Het zijn Russische toestanden, zoals mijn Russische lerares ook beaamt. In de middag fiets ik van Rotterdam naar Bergschenhoek; het valt me op hoe intens hard en droog het ijs er uit ziet. Doet me dit aan vroeger denken? Is dit de toestand zoals we die in 1956 regelmatig zagen?

Op TV is er uiteraard weer veel winternieuws. De spoorwegen hebben het moeilijk met wissels, koppelingen en deuren. Vooral de oude modellen met schuifdeuren zijn gevoelig voor dichtvriezen. Op de Rijn bij Arnhem wordt drijfijs gesignaleerd. In Lapland is de temperatuur tot beneden -50 gedaald; Helsinki had -23 in de middag. De kou is ook tot ver in zuid Europa doorgedrongen : Genua -15, Lenda in midden Spanje -10. Het heeft gesneeuwd in Venetië en Florence.

Een gedenkwaardige dag, met die ongekend felle kou en uitzonderlijk heldere lucht boven de sneeuw. De lucht moet zeer droog geweest zijn. Toen in de avond de wind ging wegvallen kwam bij veel weerliefhebbers het idee op, dat het kouderecord van Nederland er aan zou gaan. Hans de Jong memoreert nog even de toppers uit het verleden: -27,4°C op 27 januari 1942 in Winterswijk is het record. Zeer koud was het op 13 januari 1968 in Dedemsvaart met -24,1°C en op 4 januari 1979 in Ten Post met -24,7°C. En ik voeg daar aan toe : -26,8 op 16 februari 1956 in Uithuizermeden.

Alles wijst op extreme temperaturen : zeer koude en droge lucht boven een vers sneeuwdek, een heldere hemel en wegvallende wind. In de loop van de avond gaat het snel; om 19 uur meldt een waarnemer in Dinxperlo al -16,2°C. Later op de avond om 22 uur -15 in Rotterdam, -17 in Eelde en -20 in Twente. Hans de Jong meldt later, dat twee weeramateurs, Leo Wouters uit Duiven en Bert Grandia uit Eerbeek met professionele apparatuur de heide tussen Ede en Rheden op gingen om mogelijk een nieuw record te meten. Op die maandagavond werd op 10 cm hoogte al -30,4°C gemeten ; later kwam het tot nog lagere waarden…..

Johan Effing in Losser vertelt over die avond het volgende : “Die avond van 8 jan zal nooit weer vergeten want door de zeer strenge stralingsvorst leek het net of de ijsbaan kookte. Dit kwam door het warmte verlies van de ijsbaan. Toen ik die avond nog even mijn grasminimum thermometer wilde aflezen die bij een vriend in het weiland stond, werd ik door de plaatselijke politie aangezien voor een stroper. Ze richtten vanuit het politie busje de schijnwerper op mij in de 19 cm dikke sneeuwlaag in het weiland, maar toen ze begrepen wat ik daar aan het doen was hebben we gezamenlijk de grasminimum thermometer afgelezen. Deze wees op dat moment -25° aan. De volgende morgen heb ik -28.8° afgelezen.” Het citaat is afkomstig van zijn Website.

Op de weerkaarten kunnen we zien hoe op dat moment alle omstandigheden meewerken. De lucht is tot op grote hoogte zeer koud; -15 op 1500 meter hoogte en -40 op 5 km hoogte. Een zwakke rug van hoge druk doet de wind snel afnemen. De verwachting is dan ook dat temperaturen omstreeks -20 op veel plaatsen in het land voor zullen komen. Met een vriend heb ik afgesproken de volgende ochtend te gaan schaatsen in de Alblasserwaard; ik verwacht dan in extreme omstandigheden op het ijs te staan; een opwindende gedachte.
Koudegetal : 38,0

8 januari : Na middernacht is de temperatuur op de meeste plaatsen niet verder gedaald. Daardoor is het niet tot een officieel kouderecord gekomen. De lijst met minima van die nacht zijn desondanks indrukwekkend. Twente -21,8; Eerbeek -23,2 Deelen -24,2. De Bilt komt niet verder dan -18,3 en Leeuwarden tot -14,7. Vlak boven de sneeuw (klomphoogte) werden nog lagere waarden gemeten, zoals in Losser waar -28,5°C op de thermometer kwam.

De genoemde weeramateurs op de Veluwe (hoe zouden die zich warm gehouden hebben?) maten uitzonderlijke waarden. In de transportabele hut werd -27,3°C gemeten, dus bijna een evenaring van het oude record uit 1942. Op 10 cm hoogte kwam het tot -32°C. Zeer onhollandse waarden. Ik heb begrepen dat deze metingen nooit officieel erkend zijn.

Dat op veel plaatsen, zoals ook in Zuid Holland en Friesland de temperatuur in de loop van de nacht opliep was wel een teleurstelling. Ik vermoed dat de rug van hoge druk te snel passeerde en aan de achterzijde al weer minder koude lucht meevoerde bij een draaiing van de wind. Hoe dan ook, om 9 uur in de ochtend stond ik bij Alblasserdam niet onder extreme omstandigheden op het ijs: het was slechts -11 à -12 bij zuidwestenwind. Mooi weer was het wel, waardoor we een schitterende tocht maakten op doorgaans mooi glad ijs. Om een uur of 11 zaten we aan de chocolademelk in Giessenburg.

We vervolgen onze tocht over de Alblasserwaard; zoals altijd weer een prachtige ervaring. De wind neemt iets toe uit het zuidwesten, waarbij het toch stevig blijft vriezen. Hier wordt weer de stelling bevestigd : in een strenge winter vriest het bij alle windrichtingen. Ik zie nu (2005) deze opmerking in mijn dagboek van die winter staan. Dat betekent, dat ik toen al het gevoel had, dat we in een strenge winter zaten. Dat het zo koud kon blijven bewijst, hoe koud het in België en Frankrijk was op dat moment. Op de weerkaart van 12 uur in de middag zie ik bijvoorbeeld -9 bij Parijs, -9 in Les Landes en zelfs -2 in Brest, het uiterste westpuntje van Frankrijk.

Onze schaatstocht voert ons terug naar Alblasserdam; we zien de lucht vanuit het noordwesten snel betrekken en nog voor we het ijs af gaan, het is dan ongeveer 14 uur, begint het te sneeuwen. Vanuit Schiedam ga ik dan naar Delft en zie, dat in de kustgebieden meer sneeuw is gevallen. In de avond vriest het bij een WZW-wind nog steeds. In het hele land blijft het die dag vriezen en zelfs Vlissingen komt niet hoger dan -3,0°.

Uit de krant van de volgende dag blijkt, dat de winterproblemen aanzienlijk zijn. De spoorwegen hebben nu al 82 defecte rijtuigen (op de 2000), treinstellen vriezen vast aan de rails. Het wegverkeer lijkt zich goed aan te passen aan de omstandigheden : er waren minder files dan normaal en de Wegenwacht had het minder druk. De bouw is ook “slachtoffer” met een schade van enkele tientallen miljoenen guldens per dag.

In grote delen van Europa is het extreem koud. Dit geldt bijvoorbeeld sterk voor Frankrijk en Italië. In Frankrijk zijn al 24 mensen, voornamelijk daklozen, omgekomen door de kou; in Nice en Cannes ligt 20 cm sneeuw. In België zijn solidariteitscomité’s opgericht die verwarmde tehuizen openstellen voor bejaarden, gehandicapten en daklozen. In Rome bleven de scholen vandaag dicht en verscheen de helft van de beroepsbevolking niet op het werk. Daar doen ze in noord Italië dan weer een beetje spottend over : “Een beetje sneeuw en Italië zit zonder hoofdstad.”

Nu de noordelijke stroming de weg heeft vrij gemaakt voor storingen vanaf de Noordzee, lijkt de ergste kou er voorlopig weer even vanaf te zijn. Dat er een eind komt aan het koude weer is niet waarschijnlijk; voor morgen wordt opnieuw sneeuw verwacht en rond het weekend zal de kou vermoedelijk weer verscherpen.
Koudegetal 47,7

9 januari (woensdag) : Er is vannacht weer sneeuw gevallen. Bij mij in de tuin lijkt dat ongeveer 10 cm te zijn, maar er kan een windeffect bij zitten. Een kleine depressie trekt vanochtend over ons land naar het zuiden. Overal valt weer sneeuw en in het westen loopt de temperatuur tot om het vriespunt op. De wind draait naar noord en in de avond is het al weer omstreeks -4.

Op de weerkaart zien we een uitgestrekt hogedrukgebied van de omgeving van Ijsland tot aan Spanje. Aan de oostflank van dit systeem trekken depressie over Scandinavië naar het zuiden. Daarmee is de weg vrij voor storingen met sneeuw in ons land. Het hogedrukgebied wordt aan de noordkant aangetast door oceaandepressies. Het eind van het winterweer is daarmee nog niet in zicht.

Europa en ook noord Afrika gaan gebukt onder zwaar winterweer. In Frankrijk vielen 24 slachtoffers, in Joegoslavië één en in Marokko en Oostenrijk vijf. Engeland : te kort aan gips. Duitsland : sneeuwploegen zijn sinds nieuwjaarsdag ononderbroken aan het werk. Frankrijk : vele luchthavens, tot Corsica toe, gesloten door sneeuwval. Italië : 50.000 automobilisten gestrand in de sneeuw. Het koudst was het in Zwitserland : -41,2 in La Brevine

In eigen land de gebruikelijke ongemakken. Veel files, sneeuwschuivers aan het werk en vertragingen bij de NS. De binnenvaart ondervindt steeds meer hinder van het ijs. Op de grote rivieren in Gelderland is ijsvorming geconstateerd. Vrachtvaart op het IJsselmeer is vrijwel onmogelijk. Aardig bericht : de failliete sokkenfabriek Jansen de Wit in Schijndel heeft een aantal medewerkers teruggeroepen om de fabricage van sokken weer op te starten. De vraag naar sokken is explosief gestegen door het winterweer. “Er liggen stapels orders”, volgens de curator van het bedrijf.

De Friezen mogen dan de Elfstedentocht voor onmogelijk houden in de komende weken, elders wordt wel volop geschaatst, zoals in het Westland. Het Rotterdams Nieuwsblad geeft een overzicht van de ijstoestand aldaar; pas zaterdag gaan daar de officiële toertochten van start. Er is wel een schaatskalender te vinden in hetzelfde dagblad : donderdag molentochten bij Bleiswijk en in de Alblasserwaard.
Koudegetal : 51,8

10 januari (donderdag) : De winter is voorlopig niet verdwenen uit ons land. In het weekend wordt aanvoer van een nieuwe hoeveelheid zeer koude lucht verwacht. Met een paar vrienden besluiten we een schaatsweekend te gaan houden bij de Nieuwkoopse Plassen. We kennen in De Meie een adres, boer Bakker, waar je een heel simpel vakantiehuisje kan huren. We zullen daar zaterdag en zondag heen gaan met ongeveer 7 mensen. Ik zie er naar uit : een vakantieweekend in de winter met schaatsen vanuit huis.

In de verwachting van gisteren zat een nieuwe sneeuwstoring, die van noord naar zuid over ons land zou gaan trekken. In de ochtend is daar bij ons nog niets van te merken. In de nacht en ochtend is het weer zeer koud geweest : -13 bij Rotterdam en -15,6 in De Bilt. Door de aanhoudende matige tot strenge vorst komt veel ijs op de rivieren voor. Vandaag zit de Lek enige tijd dicht door drijfijs en vast ijs.

Bij ons valt om een uur of één een licht sneeuwbuitje bij zuidwesten wind. Om een uur of 4 rijd ik van Rotterdam naar Schiedam. Het is rustig weer; ik zie een mooi verschijnsel aan de rookpluimen aan industriële schoorstenen : aan de grond is de wind zuid en op ongeveer 100 meter is de wind noord. Er is kennelijk een zwakke noordelijke stroming, die aan de grond in een thermische landwind wordt omgezet, zoiets als de zeewind op warme zomerdagen.

Op de weerkaart is te zien, hoe een groot hogedrukgebied boven de Britse eilanden een noordelijke stroming boven Europa in stand houdt; depressies trekken over Scandinavië en de Noordzee naar het zuiden. Daardoor is het weer bij ons wisselvallig; wel verwacht het KNMI een aanhouden van de vorst met temperaturen overdag om het vriespunt in de kustgebieden. Er zijn kennelijk aanwijzingen, dat boven Scandinavië de druk in het weekend gaat stijgen, waardoor de kou gaat toenemen.

Zowel Harrie Otten als Hans de Jong melden een merkwaardig incident in omroepland : in de rubriek “Echo” van de KRO kreeg een kwakzalver het woord, die aankondigde dat we binnenkort in Nederland temperaturen konden verwachten van -40 en in Siberië tot -90, waardoor grote volksverhuizingen tot stand zouden komen. Kennelijk had de man stemmen gehoord die hem dat influisterden. Het KNMI kreeg daarop tientallen ongeruste telefoontjes. Hans de Jong merkt fijntjes op : “Ik heb altijd gedacht dat de KRO radiorubriek Echo een serieuze rubriek was.”

Veel winternieuws staat er ook vandaag weer in de kranten. Ik doe maar een greep. Een vrouw die gisteren in onderkoelde toestand uit haar huis gehaald werd, is overleden. Nu wordt bekend, dat ze al in slechte gezondheidsconditie was; kennelijk was ze ook in de war, want alleen de kamer waarin ze zich bevond was onverwarmd. De spoorwegen hebben nog steeds moeite om dienstregeling uit te voeren; circa 120 rijtuigen staan defect in de werkplaats. Wintergroenten worden schaars en duur. Afsluitingen van gas en licht bij wanbetaling gaan gewoon door.

Door de vele sneeuw deden zich ook weer problemen voor bij het stads- en streekvervoer. Er zijn weinig berichten over het wegverkeer; gisteren nog 170km file; vandaag valt het mee. Zouden de weggebruikers zich aangepast hebben?

Rotterdamse agenten gaan op ski’s door het Kralingse bos. Het AD brengt een pagina over winterpret.; wat is dat mooi om die foto’s weer te zien : arrenslee rijden, sleetje rijden vanaf een helling, schaatsen en ijszeilen. Wat dat ijszeilen betreft : in het weekend zullen de Nederlandse kampioenschappen worden gehouden. Geen dorp in Nederland, of er is wel iets te doen. Bijvoorbeeld Langlaufen in Drente, Gelderland of Limburg; en natuurlijk overal : schaatsen!
Koudegetal : 58,5

11 januari (vrijdag) : Het Nederlandse verkeer begint te wennen aan de sneeuw en de vorst. Voor het eerst deze week zijn er op de Nederlandse wegen net zo veel files als op een zomerse dag. We zitten nu ruim een week in winterweer, met sneeuw, strenge vorst en vanochtend ook hier en daar mist. Het went allemaal een beetje.

Bij de NS staan de werkplaatsen vol met uitgevallen treinstellen. Vooral de wat oudere zgn. hondekoppen, materieel van meer dan 20 jaar oud, zijn gevoelig voor stuifsneeuw. Deze treinstellen hebben schuifdeuren, waarbij de stuifsneeuw zich verzamelt in de deurkasten. Nieuwer materieel heeft zwenk-draaideuren welke minder gevoelig zijn voor sneeuw. De oude treinstellen moeten nog slechts 10 jaar mee en komen daardoor niet in aanmerking voor vervanging van de deuren. In een artikel in de NRC gaat een woordvoerder in op vergelijking met landen die veel winterweer kennen, zoals Zweden en Canada. Ook daar komen treinstellen in de problemen; het verschil is, dat in aldaar de frequentie van de dienstregeling veel kleiner is, zodat er meer tijd is voor het dienstrooster om zich te herstellen.

Het winterweer gaat zich verscherpen in het weekend. Dat is goed nieuws voor ons schaatsweekendje! Eerst moeten we vanavond en vannacht nog een kleine sneeuwstoring van de Noordzee verwerken. Hans de Jong spreekt over matige, en ’s nachts plaatselijk strenge vorst in de komende week. Wel voorziet hij dat we nog niet van de sneeuwstoringen verlost zijn. Het KNMI stelt ons een sneeuwstoring in het vooruitzicht, waarbij aan zee de temperatuur tot om het vriespunt kan stijgen; achter de storing komt een nieuwe partij kou uit Scandinavië aan.

Het hogedrukgebied bij Schotland stuurt die storing naar het zuiden; boven Scandinavië stijgt de luchtdruk nu snel, waardoor, ook op grote hoogte, de stroming naar meer oostelijke richting bijdraait. Het ziet er allemaal goed uit. We zullen morgen niet de enigen zijn die het ijs op gaan. De “schaatskalender” is uitgebreid en in de grote lijst met tochten zie ik staan : NIEUWKOOP : Plassentocht over 10, 35 en 70 km.

Hier en daar leidt het winterweer tot bijzondere situaties. In de Krimpenerwaard wordt gevreesd voor grote vissterfte; op de Lek drijven zo veel ijsschotsen dat de drie voetveren over de Lek bij Krimpen uit de vaart zijn genomen. En dan dit bericht : In Brussel gleed een man uit op de rijweg op het moment, dat er een geldtransportwagen passeerde. De Chauffeur stapte uit om de man te helpen; deze bleek echter een pistool in de hand te hebben en ging er met de geldwagen vandoor….

In de avond is het rustig weer; er valt nog geen sneeuw. Om 20 uur komen we aan bij boer Bakker in De Meie bij helder vriezend weer. Ondanks de verwachting van nieuwe sneeuw zien we het positief in voor morgen. Met z’n zevenen zitten we die avond in een goed verwarmde boerenschuur, voorgenietend van de dag van morgen.
Koudegetal : 62,8

12 januari (zaterdag) : In de vroege ochtend worden we tot onze verbazing, ontsteltenis en teleurstelling gewekt door het gedrup van smeltende sneeuw van het dak! Hoe is het mogelijk : de sneeuw is overgegaan in regen en de temperatuur ligt een graad boven 0. In bijna het hele land dooit het nu. En dat precies op het moment dat we hier zijn om te schaatsen. Wat ik diep in mijn hart al gevreesd had, is gebeurd : dooi om de noord. Vochtige en zachtere lucht is met de kleine depressie meegevoerd waardoor in het hele land de sneeuw overgegaan is in ijzel of regen.

We besluiten om dan maar wat te gaan wandelen op het ijs; je moet toch iets als je op vakantie bij het ijs bent. Tegen het eind van de ochtend tekent zich de wending naar koud al weer af : het klaart een beetje op en de wind zit al in het noordoosten; dat geeft een beter gevoel. Het vriest echter nog niet. Een groot deel van de groep besluit om in de middag wel te gaan schaatsen. We hebben zo veel vertrouwen in het ijs, dat we dat ondanks de dooi wel kunnen doen.

Een groot deel van het traject naar de plas, over slootjes, moeten we lopen vanwege het vele water op het ijs en vaak ook sneeuw. Water loopt vanuit de weilanden de slootjes in. Op de plas is het ijs redelijk. De kwaliteit laat te wensen over door vastgevroren en weer half ontdooide sneeuw; hier en daar staan plassen water op het ijs, tot 5 cm diep.

In de loop van de middag daalt de temperatuur weer onder nul; de plassen zijn nog wat groter en dieper geworden. Op het journaal zien we ’s avonds, dat om 18 uur al weer -2 was in een groot deel van het land. En nu maar hopen dat de matige vorst die voor vannacht wordt verwacht, voldoende is om het ijs weer in goede conditie te brengen. Voor een deel van de groep is dat te laat : zij vertrekken in de avond. We blijven met twee stellen over; we verwachten morgen een mooie schaatsdag.
Koudegetal : 64,6

13 januari (zondag) : We worden wakker bij prachtig vriezend weer. De thermometer wijst -7 tot -8 en er staat een matig windje uit het oosten. Mijn vriend E. en ik zijn er vroeg bij om een tocht te gaan maken, de vrouwen nemen het wat rustiger en zullen later een beetje gaan rijden.

Zo mooi kan winter zijn! We trekken in het huisje de schaatsen aan en stappen om half negen de witte wereld in bij zonsopgang. Na een meter of tien lopen staan we op het ijs van de Meije. Op veel plaatsen denken we plassen water te zien; dat is gezichtsbedrog, want het is spiegelglad nieuw ijs dat de plasjes water bedekt. Over de slootjes is redelijk te rijden.

Op de plas is het schitterend : een uitgestrekt poollandschap ontrolt zich aan onze ogen; op het ijs een afwisseling van witte en donkere vlekken en daarboven een nog krachteloze rode zon, zojuist opgekomen. We zoeken het startpunt van de tochten op en kunnen dan als eerste starten om 9.20 uur. We gaan de tocht van 35 km doen; meer zit er niet in omdat we in de middag weer afreizen. Om tien over 11 komen we aan de finish en halen onze medailles op; het ijs stroomt dan vol met toerrijders. Aan die files ontkomen we door onze vroege start.

Als we bij de boerderij terug komen, zijn ook de vrouwen uitgeschaatst. Voor hen was het meer een “proberen of we het nog kunnen” ; dat bleek niet mee te vallen, maar evenals wij genoten ze van de winterse omgeving. Na de lunch vertrekken we richting Rotterdam; het is zo koud dat de ijsbloemen tijdens het rijden op de ruiten blijven staan; later horen we dat de middagtemperatuur ongeveer -6 à -7 was.

Het ziet er naar uit, dat dit het begin is van een nieuwe koudegolf. Voor de komende nacht wordt -8 tot -15 verwacht bij een iets aantrekkende ONO wind. De druk boven Scandinavië is weer flink gestegen; boven de Middellandse Zee gaat de druk omlaag. Dat staat borg voor een aanvoer van koude lucht; op een aantal dagen met matige tot strenge vorst kunnen we in ieder geval rekenen.
Koudegetal : 73,4

14 januari : “Doordringende kou onderweg” schreef Harry Otten afgelopen vrijdag in de NRC. En dat voelen we vandaag: bij een matige oostenwind is de temperatuur in de vroege ochtend overal beneden -10°; Zuid Limburg meldde zelfs -16 als minimum. Bij de koffie word ik opgeschrikt door een hevig krakend geluid; dat is afkomstig van een schip dat zich een weg baant door het ijs van de buitenhaven in Schiedam. Later zie ik ook ijs in en buiten de sluis evenals in de havens van Rotterdam-West. In de avond kom ik langs de Delfshavens Schie; deze ligt er geheel toegevroren bij met sneeuw op het ijs; alleen in het midden, waar kort geleden een vaargeul was, is nu een lint van onbesneeuwd ijs te zien.

De winter blijft ons bezig houden. De stuw bij Hagestein is geopend om schade door ijsvorming te voorkomen; daardoor wordt de nu reeds te lage waterstand verder stroomopwaarts nog lager. Veel veerponten zijn uit de vaart genomen; dat duidt er op, dat de ijsvorming op de rivieren nu op gang begint te komen. Nog een opmerkelijk ijsbericht: het Bodenmeer is opengesteld voor schaatsers, nadat een ijsdikte van 15 cm was vastgesteld. In die buurt is het ook extreem koud; in Zuid Duitsland worden minima van omstreeks -30° verwacht.

Natuurlijk komt de elfstedentocht ter sprake. Hans de Jong deed dat afgelopen vrijdag al in een radio-interview. Hij wijst op de grote handicap die de sneeuw op dit moment is. Veel stukken op het traject hebben onvoldoende ijsdikte. Hij is niet zonder hoop dat het toch nog gaat lukken omdat een week met matige tot strenge vorst wordt verwacht. En als het onverhoopt toch niet lukt, dan kan het volgend jaar misschien wel lukken. Voorzitter Sipkema noemt grote stukken van het traject nog bar slecht. De sneeuw gevolgd door dooi en vervolgens weer vorst hebben de kwaliteit van het ijs sterk verslechterd. De draagkracht is ondanks de dikte van het ijs op veel plaatsen onvoldoende. Sipkema schat de kans dat de tocht dit jaar doorgaat op 50%, maar verwacht de tocht nog niet deze week.

Veel nieuws is er natuurlijk ook over schade, doden en gewonden. Vooral Allbanië is zwaar getroffen door lawines, die dit weekeinde aan 35 mensen het leven hebben gekost. In Duitsland zijn 13 mensen omgekomen bij kettingbotsingen. In heel Europa staat het dodental van deze koudegolf op 200. Er is ook klein leed in de vorm van aanvaringen op de Waal door de combinatie van winters weer, mist en lage waterstanden. In Amsterdam zijn twee brandweerlieden door het ijs gezakt tijdens het blussen van een brand op een woonboot; de bewoner was afwezig.

In de afgelopen nacht is boven de Oostzee een kleine storing ontstaan, die met de noordoostelijke bovenstroming naar ons toe komt. Later op de dag valt overal een beetje sneeuw, waarbij de temperatuur in de avond iets oploopt. Later in de avond daalt de temperatuur weer. Ik kan dat ook merken aan de ijsbloemen, die weer aangroeien ondanks het hoger zetten van de kachel. Ik besluit, dat we met een ouderwets strenge winter te maken hebben; al tien dagen is Nederland, en heel Europa feitelijk, in de greep van de winter en voor de komende 5 dagen verwacht het KNMI minima van omstreeks -12°C.

Het eind van de winter lijkt voorlopig niet in zicht met een tussen Scandinavië en IJsland pendelend hogedrukgebied; voorlopig is de weg voor oceaandepressies geblokkeerd. In De Bilt is de reeks van ijsdagen zaterdag onderbroken tijdens de dooi om de noord die een deel van ons schaatsweekend verstoorde. We zitten midden in de tweede koudegolf van de winter. De eerste duurde van 4 t/m 11 januari en produceerde een koudegetal van 61,4 in De Bilt.
Koudegetal tot en met 14 januari: 81,1

15 januari : Een bijzonder koude dag beleven we vandaag. In de ochtend staat er een matige oostenwind, waarbij nog een fijne sneeuw valt. In het midden en zuiden van het land ligt de temperatuur op -10 tot -12°. En het blijft koud met maxima rond -10°. De ijsbloemen verdwijnen in de woonkamer niet geheel van de ramen. Alleen in het noorden van het land komt het nog tot -6.

Een groot deel van Europa heeft te maken met deze zeer koude lucht, die ook tot over Spanje is uitgestroomd. De oostelijke tot noordoostelijke stroming heeft te maken met een hogedrukgebied boven Scandinavië en de randstaten aan de ene kant en een depressie in de Golf van Genua aan de andere kant. Er zal de komende dagen wel verandering in de situatie plaats vinden, maar deze zijn gunstig voor het voortduren van het winterweer bij ons. Terwijl boven Scandinavië de druk daalt, vormt zich in de buurt van Groenland een nieuw hogedrukgebied. Voortduren van de kou is dus voorlopig verzekerd.

De scheepvaart krijgt meer hinder van de vorst. Bij de Volkeraksluizen liep de wachttijd voor schepen op tot 10 à 12 uur en de situatie wordt voortdurend slechter. Op de grote rivieren neemt de overlast door ijsvorming snel toe; Vecht, Linge en Eem zijn al geheel dichtgevroren. De NS heeft weinig problemen, omdat zware sneeuwval niet aan de orde is. Door de gladheid vinden twee dodelijk ongelukken in het verkeer plaats.

Veertien jongeren beleefden op het IJsselmeer een bijzonder avontuur. Ze waren in de buurt van Urk aan het schaatsen toen het ijs door de wind begon te scheuren. Ze ontdekten, dat ze zich op een schots van 400 bij 500 meter bevonden, die vrij snel van de kust af dreef naar de vaargeul van Lemmer naar Lelystad toe. Een Urker reddingboot zou zijn uitgevaren, ware het niet dat deze was ingevroren; waarom zou je ook een reddingboot paraat houden als er ijs ligt? De jongelui werden tenslotte met kleine rubberboten van de ijsschots gehaald. Overigens is dit maar een klein avontuurtje vergeleken bij het angstig avontuur van drie vissers die in 1849 veertien dagen in een ijsveld op het IJsselmeer, toen nog Zuiderzee, gevangen zaten zonder ergens aan wal te kunnen gaan. (Bron : Ron Couwenhoven, IJs & Weder; Uitgeverij BZZTôH)

De invloed van de strenge winter doet zich gelden op de prijzen van groente. In ons land is de vorstschade aan de gewassen wel groot, maar het valt in het niets bij die in Frankrijk. Ook in Italië en Spanje is veel groente bevroren. Op Corsica, waar op sommige plaatsen de sneeuw een meter hoog lag, ging de hele mandarijnenoogst verloren. De vorst heeft Frankrijk volkomen overrompeld; grote partijen opgeslagen appels en peren zijn verloren gegaan. In de Roussillon is 80% van de groente die nog op het land staat, verloren gegaan. In de Provence spreekt men van 90%. Bij ons is het effect van de winter vooral te merken in het omhoog vliegen van de prijzen van groente.

De Elfstedentocht is ook nu weer “dagnieuws”. Bij deze felle kou verwacht iedereen natuurlijk, dat het wel snel goed komt met de tocht. Maar dat is een illusie. Diverse controleurs zakken op de elfstedenroute door het ijs tijdens pogingen om de dikte van het ijs te meten. Het ijs is op veel trajecten nog bar slecht door de sneeuw. Pogingen om het ijs te verbeteren, bijvoorbeeld door er waren overheen te laten lopen, hebben onvoldoende resultaat. Afwachten dus maar weer; deze week zal het zeker niet meer lukken met de tocht.

In de avond hoor ik bij een Duits weerbericht, dat zachte lucht aan de oostzijde van de Genua-depressie bezig is de Alpen over te steken. Op de temperatuur bij ons zal dat geen invloed hebben; de vooruitzichten luiden voor de komende dagen: veel bewolking en plaatselijk sneeuw met ’s nacht matige tot strenge vorst en overdag lichte tot matige vorst. In de avondverwachting spreekt het KNMI van minima tot -14 en morgen maxima omstreeks -6°. Nogmaals realiseer ik me, dat we een zeer koud etmaal beleven met een gemiddelde van rond -10. Ook in Vlissingen is het bijzonder koud met een maximum van -9°; en dat was zelfs lager dan in Eelde, waar het tot -8 kwam.
Koudegetal: 91,2

Wordt vervolgd

Bronnen :
Weerdata : KNMI
Weerkaarten : KNMI en www.wetterzentrale.de
Diverse weergegevens : Hans de Jong (Gorredijk), Johan Effing (Losser), eigen waarnemingen (Schiedam e.o.)
Berichten : Trouw, AD, NRC, Rotterdams Nieuwsblad en Het Vrije Volk

pijl terug